- 1. Wat is de frontaalkwab?
- 2. Is de frontaalkwab de regisseur van het brein?
- 3. Wat heeft de frontaalkwab met aandacht en innerlijke rust te maken?
- 4. Kan de frontaalkwab helpen automatische patronen te doorbreken?
- 5. Wat heeft de frontaalkwab met creativiteit te maken?
- 6. Wat gebeurt er wanneer je iets visualiseert?
- 7. Kun je jezelf met visualisatie opnieuw programmeren?
- 8. Wat hebben intentie en emotie hiermee te maken?
- 9. Wat heeft enthousiasme met creativiteit te maken?
- 10. Wat heeft de frontaalkwab met het derde oog te maken?
- 11. Hoe past de frontaalkwab bij persoonlijk meesterschap?
- 12. Tenslotte
Frontaalkwab
De frontaalkwab is een belangrijk deel van onze hersenen. Vooral de prefrontale gebieden aan de voorkant van het brein spelen een grote rol bij bewust nadenken, plannen, aandacht richten, gedrag bijsturen en keuzes maken.
Dat maakt de frontaalkwab interessant voor persoonlijke groei.
Niet omdat hier één afzonderlijk centrum zit dat onze werkelijkheid creëert, maar omdat dit hersengebied helpt om afstand te nemen van automatische reacties en gedrag af te stemmen op wat we belangrijk vinden.
De frontaalkwab helpt ons niet alleen reageren op wat er gebeurt, maar ook nadenken over wat we vervolgens willen doen.
1. Wat is de frontaalkwab?
De frontaalkwab ligt aan de voorzijde van de hersenen, achter het voorhoofd.
Het is een groot hersengebied met verschillende onderdelen die elk weer andere functies hebben. De prefrontale cortex is vooral betrokken bij zogenoemde executieve functies en cognitieve controle.
Daarbij kun je denken aan:
- aandacht richten;
- informatie tijdelijk vasthouden;
- plannen;
- impulsen afremmen;
- gedrag aanpassen;
- beslissingen nemen;
- doelen vasthouden;
- fouten herkennen en bijsturen.
Deze functies maken het mogelijk om niet uitsluitend automatisch te reageren.
Wanneer omstandigheden veranderen, kunnen we ons gedrag opnieuw beoordelen en een andere strategie kiezen. Onderzoek naar cognitieve controle beschrijft juist dat vermogen om gedrag afhankelijk van de situatie flexibel te selecteren, te volgen en bij te sturen.
2. Is de frontaalkwab de regisseur van het brein?
De frontaalkwab wordt populair weleens de regisseur of directeur van het brein genoemd.
Dat is een bruikbare metafoor, zolang we haar niet te letterlijk nemen.
De hersenen hebben namelijk geen afzonderlijke directeur die alle andere gebieden vertelt wat ze moeten doen.
Bewust denken, emoties, herinneringen, aandacht, beweging en creativiteit ontstaan uit samenwerking tussen verschillende hersengebieden en netwerken.
Wel een belangrijke rol bij richting geven
De prefrontale cortex is vooral belangrijk wanneer gedrag niet volledig op de automatische piloot kan verlopen.
Bijvoorbeeld wanneer je:
- een oude gewoonte probeert te doorbreken;
- verschillende mogelijkheden afweegt;
- een impuls niet onmiddellijk volgt;
- vooruitdenkt;
- een doel voor ogen houdt;
- bewust een andere reactie kiest.
Daarom blijft de vergelijking met een regisseur interessant.
Niet omdat de frontaalkwab alles beheerst, maar omdat zij meehelpt richting aan gedrag te geven.
3. Wat heeft de frontaalkwab met aandacht en innerlijke rust te maken?
Wie zich sterk op één taak, gedachte of innerlijke ervaring concentreert, geeft andere informatie tijdelijk minder prioriteit.
Dat herkennen we allemaal.
Wanneer je volledig opgaat in een boek, hoor je iemand soms niet meteen binnenkomen. Tijdens meditatie kun je merken dat geluiden nog aanwezig zijn, maar minder belangrijk lijken. Bij intensief nadenken kan het besef van tijd naar de achtergrond verdwijnen.
Dat betekent niet dat de frontaalkwab de zintuigen letterlijk uitschakelt.
Aandacht selecteert
Ons brein ontvangt voortdurend veel meer informatie dan we bewust kunnen verwerken.
Aandacht helpt bepalen welke informatie prioriteit krijgt.
Prefrontale en andere hersennetwerken spelen daarbij een rol. Daardoor kunnen we ons bijvoorbeeld op een innerlijk beeld concentreren terwijl prikkels uit onze omgeving tijdelijk minder centraal staan.
De buitenwereld verdwijnt niet; onze aandacht verschuift.
Dat onderscheid is belangrijk.
4. Kan de frontaalkwab helpen automatische patronen te doorbreken?
Ja, maar ook hier werkt dit niet vanuit één hersengebied.
Veel gedrag verloopt gedeeltelijk automatisch.
Dat is nuttig. Je hoeft niet iedere ochtend opnieuw uit te zoeken hoe je tanden moet poetsen of hoe je moet lopen.
Maar automatisme kan lastig worden wanneer een patroon niet meer helpt.
Denk aan:
Ik durf in vergaderingen nooit iets te zeggen.
Als ik kritiek krijg, schiet ik onmiddellijk in de verdediging.
Wanneer ik stress heb, stel ik alles uit.
Bewuste aandacht maakt zo'n patroon eerst herkenbaar.
Daarna ontstaat een belangrijk moment:
moet ik hetzelfde blijven doen of kan ik iets anders proberen?
Cognitieve controle helpt ons juist bij het selecteren en aanpassen van gedrag wanneer de omstandigheden daarom vragen.
Van beperkende overtuiging naar nieuwe ervaring
Daar raakt de frontaalkwab aan ons wereldmodel.
Een beperkende overtuiging kan automatisch gedrag blijven versterken.
Maar wanneer je dat patroon bewust herkent, kan een aangrenzende mogelijkheid ontstaan:
Misschien kan ik deze keer één andere reactie proberen.
Die nieuwe reactie kan vervolgens een nieuwe ervaring opleveren.
Zo verandert persoonlijke groei niet alleen door anders te denken, maar ook door anders te handelen en daarvan te leren.
5. Wat heeft de frontaalkwab met creativiteit te maken?
De frontaalkwab speelt een belangrijke rol bij creativiteit, maar creativiteit bevindt zich niet op één plek in de hersenen.
Creatieve ideeën ontstaan door samenwerking tussen verschillende hersennetwerken.
Onderzoek wijst bijvoorbeeld op interacties tussen gebieden die betrokken zijn bij spontane associatie en gebieden die betrokken zijn bij aandacht, beoordeling en cognitieve controle. Ook frontale gebieden maken deel uit van die processen.
Ideeën bedenken én beoordelen
Creativiteit bevat minstens twee bewegingen.
Eerst ontstaat er ruimte om nieuwe verbindingen en ideeën te vormen.
Daarna moeten we kunnen beoordelen:
Is dit bruikbaar?
Past dit bij mijn bedoeling?
Kan ik hier iets mee?
Te veel controle kan creatieve associaties vroegtijdig afremmen.
Maar zonder enige controle blijven ideeën misschien losse fantasieën.
Creativiteit vraagt daarom vaak een wisselwerking tussen vrij associëren en gericht kiezen.
6. Wat gebeurt er wanneer je iets visualiseert?
Wanneer je een situatie visualiseert, creëert je brein een innerlijke voorstelling zonder dat de bijbehorende gebeurtenis op dat moment werkelijk plaatsvindt.
Onderzoek naar mentale imaginatie laat zien dat voorstelling en daadwerkelijke waarneming gedeeltelijk gebruikmaken van overlappende hersennetwerken.
Maar ze zijn niet hetzelfde.
Een recente meta-analyse van 439 neuroimagingonderzoeken laat bijvoorbeeld zien dat visuele, auditieve en motorische imaginatie zowel gedeelde als specifieke hersennetwerken gebruiken.
Je brein kent wel degelijk het verschil
Daarom is de populaire uitspraak:
“Je brein weet geen verschil tussen wat echt gebeurt en wat je visualiseert”
te absoluut.
Onze hersenen kunnen normaal gesproken onderscheid maken tussen externe waarneming en interne voorstelling.
Wel overlappen bepaalde processen.
Een voorstelling van een beweging kan bijvoorbeeld hersengebieden activeren die ook betrokken zijn bij echte beweging. Een visueel beeld kan delen van visuele en associatieve netwerken aanspreken.
Onderzoek laat tegelijkertijd zien dat perceptie en imaginatie verschillende netwerkdynamieken hebben. Werkelijke waarneming ontvangt informatie vanuit de zintuigen; imaginatie ontstaat voornamelijk vanuit intern gegenereerde processen.
Dat verklaart waarom visualiseren betekenisvol kan zijn zonder dat we hoeven te beweren dat verbeelding en werkelijkheid neurologisch identiek zijn.
7. Kun je jezelf met visualisatie opnieuw programmeren?
Het woord programmeren wordt binnen persoonlijke ontwikkeling gemakkelijk gebruikt.
Als metafoor kan het bruikbaar zijn.
Door iets herhaaldelijk te oefenen, aandacht te geven en daadwerkelijk toe te passen, kunnen hersennetwerken veranderen. Dat sluit aan bij neuroplasticiteit.
Maar onze hersenen functioneren niet letterlijk als software waarin je met één gedachte een nieuw programma installeert.
Verbeelding kan wel voorbereiden
Stel dat iemand opziet tegen een presentatie.
Door zich vooraf voor te stellen hoe zij rustig binnenkomt, haar verhaal begint en reageert wanneer ze een vraag krijgt, kan zij zich mentaal voorbereiden op die situatie.
Daarmee verandert de voorstelling niet automatisch de werkelijkheid.
Maar de persoon beschikt tijdens de echte situatie mogelijk over een beter voorbereid handelingspatroon.
Dat is een belangrijk verschil:
visualisatie kan helpen een mogelijkheid te oefenen; ervaring bepaalt vervolgens wat daarvan werkelijk wordt geleerd.
8. Wat hebben intentie en emotie hiermee te maken?
Een intentie geeft richting aan aandacht en gedrag.
Wanneer je weet wat je wilt bereiken, kun je gemakkelijker beoordelen welke informatie, keuzes en handelingen daarbij passen.
Emotie geeft daar weer betekenis aan.
Een doel waar je niets bij voelt, kan veel minder motiverend zijn dan iets waar enthousiasme, nieuwsgierigheid of vertrouwen mee verbonden is.
Positieve emotie is geen magische hersenstand
De oorspronkelijke gedachte dat dankbaarheid, liefde of enthousiasme automatisch de amygdala uitschakelen en ons van een biologische overlevingstoestand rechtstreeks naar een creatieve toestand brengen, is te eenvoudig.
Emoties ontstaan uit complexe hersen- en lichaamsprocessen.
Ook oxytocine heeft geen simpele functie als uitsluitend het “liefdeshormoon” dat angst uitzet. De effecten verschillen afhankelijk van persoon, situatie en sociaal verband.
Wel kunnen gevoelens van veiligheid, betrokkenheid en positieve motivatie omstandigheden creëren waarin iemand minder sterk door dreiging wordt beheerst en gemakkelijker kan onderzoeken, leren en creëren.
Daarvoor is geen scherpe biologische tegenstelling nodig tussen overleven en creëren.
9. Wat heeft enthousiasme met creativiteit te maken?
Enthousiasme kan creativiteit ondersteunen omdat het onze aandacht en motivatie verandert.
Wanneer iets ons werkelijk interesseert:
- besteden we er gemakkelijker tijd aan;
- onderzoeken we meer mogelijkheden;
- houden we langer vol;
- leggen we sneller nieuwe verbanden;
- ervaren we inspanning soms als minder zwaar.
Daarom kunnen enthousiasme, inspiratie en creativiteit elkaar versterken.
Maar enthousiasme veroorzaakt niet rechtstreeks nieuwe neurale verbindingen die anders onmogelijk waren.
Ook hier ontstaat creativiteit uit een veel rijker proces van aandacht, kennis, ervaring, associatie, emotie en cognitieve controle.
Enthousiasme opent geen magische creatieve hersenpoort, maar het kan wel de omstandigheden verbeteren waarin creativiteit groeit.
10. Wat heeft de frontaalkwab met het derde oog te maken?
De ligging van de frontale hersengebieden maakt een vergelijking met het spirituele idee van het derde oog verleidelijk.
In verschillende oosterse tradities wordt het derde oog verbonden met innerlijk zien, inzicht, intuïtie en bewustzijn.
Die spirituele symboliek kan betekenisvol zijn.
Neurowetenschappelijk zijn de frontaalkwab en het derde oog echter niet hetzelfde concept.
Het derde oog is geen wetenschappelijk vastgesteld hersenorgaan en de spirituele tradities waaruit het begrip voortkomt zijn veel ouder dan de moderne neurowetenschap.
Twee verschillende perspectieven
Wetenschappelijk kunnen we spreken over:
- aandacht;
- planning;
- zelfcontrole;
- doelgericht gedrag;
- cognitieve flexibiliteit;
- mentale voorstelling.
Spiritueel kunnen begrippen als derde oog verwijzen naar:
- inzicht;
- innerlijke waarneming;
- intuïtie;
- bewustzijn;
- visie.
Dat er een symbolische overeenkomst wordt ervaren, betekent niet dat de één het wetenschappelijke bewijs voor de ander vormt.
Binnen Helder Dromen kunnen beide perspectieven naast elkaar bestaan zonder ze kunstmatig gelijk te maken.
11. Hoe past de frontaalkwab bij persoonlijk meesterschap?
Persoonlijk meesterschap vraagt het vermogen om niet iedere gedachte, emotie of gewoonte automatisch te volgen.
Daarbij zijn functies waarin de frontale hersengebieden een rol spelen bijzonder relevant.
Je kunt jezelf afvragen:
Wat gebeurt hier?
Waarom reageer ik zo?
Past deze reactie nog bij mij?
Welke andere mogelijkheid heb ik?
Dat zijn geen vragen waarmee je volledige controle over je brein krijgt.
Ze creëren wel ruimte tussen impuls en reactie.
Van automatische reactie naar bewuste richting
Daar ontstaat een belangrijk verschil.
Een automatisch patroon zegt:
Zo doe ik het altijd.
Bewustzijn maakt daarvan:
Dit is hoe ik het tot nu toe heb gedaan.
En vervolgens kan een intentie ontstaan:
De volgende keer wil ik iets anders proberen.
Dat is een veel realistischer vorm van regie.
Niet totale beheersing van lichaam en hersenen, maar het vermogen steeds vaker bewust richting te geven aan gedrag.
12. Tenslotte
De frontaalkwab is een indrukwekkend onderdeel van het menselijk brein.
Zij speelt een belangrijke rol bij aandacht, planning, doelgericht gedrag, cognitieve controle en het bijsturen van automatische reacties.
Maar ze is niet de enige zetel van bewustzijn.
Niet het enige centrum van creativiteit.
En ook geen biologische manifestatiemachine waarmee gedachten rechtstreeks werkelijkheid worden.
Onze hersenen werken als samenwerkende netwerken.
Daarbinnen hebben frontale gebieden wel een bijzondere betekenis voor persoonlijk meesterschap: ze helpen ons om verder te gaan dan onmiddellijke reactie en rekening te houden met wat we belangrijk vinden en wat we willen bereiken.
We kunnen een mogelijkheid voorstellen.
Een intentie vormen.
Een automatische reactie herkennen.
Een andere keuze maken.
En door nieuwe ervaringen kunnen oude patronen daadwerkelijk veranderen.
Vanuit een spiritueel perspectief kan daarin de symboliek van het derde oog worden herkend: het vermogen om verder te kijken dan wat onmiddellijk voor ons ligt.
Vanuit de neurowetenschap spreken we eerder over aandacht, voorstelling, cognitieve controle en flexibel gedrag.
Beide perspectieven vertellen een ander verhaal.
Maar ze raken aan dezelfde menselijke ervaring:
we kunnen ons bewust worden van hoe we nu handelen en ons voorstellen hoe we anders zouden kunnen handelen.
Daar begint geen volledige controle over de werkelijkheid.
Daar begint wel een vorm van vrijheid.