Aangrenzende mogelijkheid

Wat als persoonlijke groei niet vooral ontstaat door grote sprongen, maar door kleine stappen net buiten je huidige werkelijkheid?

De aangrenzende mogelijkheid beschrijft precies die ruimte: wat nog niet tot je bekende werkelijkheid behoort, maar vanuit wat er nu al aanwezig is wél bereikbaar kan worden.

Het concept is afkomstig van theoretisch bioloog Stuart Kauffman, die het gebruikte om te beschrijven hoe nieuwe mogelijkheden binnen complexe systemen voortkomen uit bestaande omstandigheden. Steven Johnson maakte het begrip later bekend bij een breder publiek en paste het onder meer toe op innovatie en het ontstaan van nieuwe ideeën.

Binnen Helder Dromen krijgt de aangrenzende mogelijkheid daarnaast een belangrijke betekenis voor persoonlijke ontwikkeling: je hoeft niet onmiddellijk te zien wat uiteindelijk mogelijk is. Je hoeft alleen de volgende bereikbare mogelijkheid te ontdekken.

1. Wat is de aangrenzende mogelijkheid?

De aangrenzende mogelijkheid is datgene wat zich direct naast de huidige situatie bevindt. Het is nog geen onderdeel van wat je kent, doet of gelooft, maar het ligt wel voldoende dichtbij om ontdekt of onderzocht te kunnen worden.

Niet alles is op ieder moment mogelijk.

Wel kunnen er vanuit iedere bestaande situatie verschillende volgende stappen ontstaan. Zodra één daarvan werkelijkheid wordt, verandert de uitgangspositie en kunnen mogelijkheden zichtbaar worden die daarvoor nog buiten bereik lagen.

Mogelijkheden ontstaan vanuit wat er al is

Dat is de essentie van het oorspronkelijke idee van Kauffman. Vernieuwing ontstaat niet volledig los van het bestaande, maar bouwt voort op wat al aanwezig is.

Voor persoonlijke ontwikkeling betekent dit bijvoorbeeld dat je niet van:

“Ik durf nooit mijn mening te geven”

direct naar:

“Ik spreek altijd vol zelfvertrouwen

hoeft te springen.

Een aangrenzende mogelijkheid kan veel kleiner zijn:

“Misschien kan ik tijdens één gesprek zeggen wat ik werkelijk vind.”

Die ene ervaring kan iets veranderen wat daarvoor alleen theoretisch mogelijk leek.

2. Hoe werkt het huis met steeds nieuwe kamers?

Steven Johnson gebruikt voor de aangrenzende mogelijkheid de metafoor van een huis waarvan nieuwe kamers bereikbaar worden terwijl je het verkent.

Stel je een kamer voor met verschillende deuren.

Je kunt alleen de deuren openen die vanuit die kamer bereikbaar zijn. Achter iedere deur bevindt zich een nieuwe ruimte. Zodra je die betreedt, verschijnen vanuit die nieuwe positie weer andere deuren.

Sommige kamers waren vanuit het oorspronkelijke vertrekpunt helemaal niet bereikbaar.

Iedere nieuwe kamer verandert wat mogelijk is

Dat maakt de metafoor interessant voor persoonlijke groei.

Een nieuwe ervaring verandert niet alleen wat je hebt meegemaakt. Ze kan ook veranderen wat je daarna voor mogelijk houdt.

Denk aan:

  • een eerste keer alleen reizen;
  • voor het eerst een grens aangeven;
  • kennismaken met een andere levensbeschouwing;
  • een creatief talent ontdekken;
  • iemand ontmoeten die heel anders naar het leven kijkt;
  • ervaren dat iets lukt waarvan je dacht dat je het niet kon.

De nieuwe ervaring wordt als het ware een nieuwe kamer.

En vanuit die kamer zie je deuren die vanuit de vorige kamer nog niet zichtbaar waren.

3. Wat heeft de aangrenzende mogelijkheid met je wereldmodel te maken?

Je wereldmodel bevat overtuigingen, ervaringen, verwachtingen en interpretaties waarmee je naar jezelf en de werkelijkheid kijkt.

Dat model helpt om de wereld begrijpelijk te maken, maar bepaalt tegelijkertijd welke mogelijkheden je gemakkelijk ziet.

Een beperkende overtuiging kan een deel van die mogelijkheden afsluiten.

Ik ben niet creatief.

Ik kan niet voor mezelf opkomen.

Zo iemand ben ik nu eenmaal niet.

Dat is voor mensen zoals ik niet weggelegd.

Wanneer zulke overtuigingen vanzelfsprekend worden, kan het lijken alsof ze de werkelijkheid zelf beschrijven.

Een aangrenzende mogelijkheid hoeft de oude overtuiging niet aan te vallen

Dat is juist de kracht van het begrip.

Je hoeft een beperkende overtuiging niet altijd frontaal te vervangen door het tegenovergestelde.

Bij “Ik ben niet creatief” kan de volgende mogelijkheid bijvoorbeeld zijn:

“Misschien kan ik iets maken zonder dat het goed hoeft te zijn.”

Daarna ontstaat een ervaring.

Misschien blijkt dat er toch plezier, nieuwsgierigheid of creativiteit aanwezig is. De oorspronkelijke overtuiging kan daardoor minder absoluut worden en uiteindelijk veranderen in een meer helpende overtuiging.

Tegelijkertijd wordt het wereldmodel rijker: er is iets mogelijk gebleken wat daarvoor niet of nauwelijks in beeld was.

4. Wat gebeurt er in je brein wanneer je iets nieuws ontdekt?

Ook onze hersenen veranderen door ervaring. Dat vermogen wordt neuroplasticiteit genoemd.

Wanneer we leren en nieuwe ervaringen opdoen, kunnen verbindingen en activiteitspatronen binnen neurale netwerken veranderen. Bestaande kennis wordt bovendien voortdurend gecombineerd met nieuwe informatie.

Dat geeft een interessante wetenschappelijke achtergrond bij het idee dat nieuwe ervaringen nieuwe mogelijkheden kunnen openen.

Maar het brein is niet letterlijk de aangrenzende mogelijkheid

Hier is enige nuance belangrijk.

De aangrenzende mogelijkheid is oorspronkelijk geen neurowetenschappelijke theorie. We kunnen dus niet simpelweg zeggen dat nieuwe neurale verbindingen bewijzen dat de aangrenzende mogelijkheid bestaat als psychologisch ontwikkelingsmodel.

Wel bestaat er een betekenisvolle overeenkomst: zowel leren als creativiteit bouwen vaak voort op bestaande structuren.

De bekende formulering “neurons that fire together wire together” wordt vaak gebruikt als eenvoudige samenvatting van Hebbiaans leren: neurale verbindingen kunnen veranderen wanneer neuronen herhaaldelijk in samenhang actief zijn.

Nieuwe ervaringen veranderen daardoor niet alleen wat je weet. Ze kunnen ook invloed hebben op hoe gemakkelijk bepaalde associaties, verwachtingen en gedragingen later beschikbaar worden.

5. Waarom is de aangrenzende mogelijkheid belangrijk voor creativiteit?

Creativiteit ontstaat zelden volledig uit het niets.

Nieuwe ideeën zijn vaak nieuwe combinaties van elementen die al bestonden.

Een architect kan worden geïnspireerd door natuur. Een muzikant combineert verschillende muziekstijlen. Een ondernemer ziet hoe een oplossing uit de ene sector bruikbaar kan zijn in een andere.

Daarom vergroten verschillende ervaringen de bouwstenen waarmee creativiteit kan werken.

Voorbeelden zijn:

  • kennismaken met andere disciplines;
  • gesprekken voeren met mensen buiten je vertrouwde omgeving;
  • kunst, wetenschap en filosofie combineren;
  • experimenteren zonder vooraf te weten wat eruit komt;
  • bestaande ideeën vanuit een andere context bekijken.

De aangrenzende mogelijkheid bevindt zich dan precies op de grens tussen wat er al is en wat daaruit zou kunnen ontstaan.

6. Welke rol spelen nieuwsgierigheid en vertrouwen?

Niet iedere nieuwe mogelijkheid kan vooraf volledig worden beoordeeld.

Soms moet iemand eerst een kleine stap zetten voordat duidelijk wordt wat die stap mogelijk maakt.

Daarvoor is nieuwsgierigheid nodig: de bereidheid om te onderzoeken zonder vooraf het antwoord te kennen.

Ook vertrouwen speelt een rol.

Niet als zekerheid dat alles goed zal komen, maar als bereidheid om te accepteren dat je de hele route nog niet hoeft te kennen.

Je hoeft het paleis nog niet te zien

Wanneer je in de eerste kamer staat, kun je onmogelijk weten hoe het hele huis eruitziet.

Dat geldt ook voor persoonlijke ontwikkeling.

Een ontmoeting, boek, reis, opleiding, droom, mislukking of onverwachte ervaring kan later belangrijk blijken voor een richting die je op dat moment nog helemaal niet kende.

De aangrenzende mogelijkheid vraagt daarom minder om zekerheid dan om openheid voor wat vanuit de huidige situatie bereikbaar wordt.

7. Kun je aangrenzende mogelijkheden bewust vergroten?

Tot op zekere hoogte wel.

Hoe gevarieerder de ervaringen en perspectieven waarmee je in aanraking komt, hoe meer materiaal er beschikbaar komt voor nieuwe verbindingen.

Dat kan bijvoorbeeld door:

  • iets te onderzoeken wat buiten je normale interessegebied ligt;
  • verschillende interesses met elkaar te combineren;
  • nieuwe mensen en perspectieven te leren kennen;
  • ideeën vast te leggen voordat ze volledig zijn uitgewerkt;
  • ruimte te maken voor reflectie en meditatie;
  • fouten te zien als informatie in plaats van alleen als mislukking;
  • bewust een kleine afwijking van een vertrouwd patroon te proberen.

Het doel is daarbij niet voortdurend meer doen.

Ook rust, natuurlijk ritme en perioden waarin ideeën mogen rijpen kunnen belangrijk zijn. Soms verschijnt een nieuwe verbinding juist wanneer de aandacht tijdelijk niet op het probleem gericht is.

8. Wat betekent de aangrenzende mogelijkheid spiritueel?

Binnen Helder Dromen krijgt het begrip een bredere betekenis dan alleen innovatie of creativiteit.

Een wereldmodel bepaalt voor een belangrijk deel welke werkelijkheid iemand verwacht en welke mogelijkheden hij daarin herkent. Wanneer dat model sterk wordt begrensd door beperkende overtuigingen, kunnen mogelijkheden buiten beeld blijven.

De aangrenzende mogelijkheid vormt dan de opening naar een ruimere werkelijkheid.

Niet door te beweren:

Alles is mogelijk.

Maar door te vragen:

Wat zou er naast wat ik nu voor mogelijk houd nog meer kunnen bestaan?

Van wereldmodel naar kwantummodel

Binnen de spirituele visie van Helder Dromen kan een wereldmodel steeds verder worden verrijkt doordat nieuwe mogelijkheden worden onderzocht en nieuwe ervaringen worden opgedaan.

Een beperkende overtuiging kan daardoor veranderen in een meer helpende overtuiging. Tegelijkertijd ontstaat een ruimer model van wat mogelijk zou kunnen zijn.

Die verdere verruiming wordt binnen Helder Dromen verbonden met het kwantummodel.

Het kwantummodel is daarbij een spiritueel perspectief op werkelijkheid en mogelijkheden. Het moet niet worden verward met kwantumfysica als natuurwetenschappelijke theorie. De natuurkunde bewijst dit spirituele model niet.

Juist dat onderscheid maakt het mogelijk om de spirituele betekenis serieus te nemen zonder er een wetenschappelijke claim van te maken.

9. Tenslotte

De aangrenzende mogelijkheid laat zien waarom ontwikkeling vaak veel minder spectaculair begint dan we denken.

Je hoeft niet onmiddellijk een compleet nieuw leven te kunnen voorstellen. Een mogelijkheid die vanuit je huidige wereldmodel totaal ondenkbaar is, helpt je vaak weinig.

De volgende deur moet dichtbij genoeg zijn om geopend te kunnen worden.

Daarachter kan iets nieuws gebeuren.

Een nieuwe ervaring kan een beperkende overtuiging minder absoluut maken. Een meer helpende overtuiging kan ontstaan. Het wereldmodel wordt ruimer en vanuit dat nieuwe wereldmodel verschijnen mogelijkheden die eerder eenvoudigweg niet zichtbaar waren.

Daarmee is de aangrenzende mogelijkheid veel meer dan een aansporing om positief te denken.

Het is een andere manier om naar ontwikkeling te kijken:

je hoeft nog niet te weten waar je uiteindelijk kunt komen om de volgende deur te kunnen openen.