
Je hebt een goede baan. Een huis. Mensen om je heen. Op papier is er weinig mis. En toch kan op een doodgewone dinsdag ineens neurie je het liedje Is dit alles van Doe Maar. Niet omdat je ondankbaar bent. Niet omdat je onmiddellijk iets moet veranderen. Maar omdat je plotseling voelt dat je leven niet onbeperkt duurt en je niet zeker weet of je het leven leidt dat werkelijk bij je past.
De existentiële benadering probeert zulke ongemakkelijke gedachten niet meteen weg te nemen, maar nodigt je uit ze te onderzoeken. Angst, stress, twijfel en onrust horen bij het mens-zijn. Je moet keuzes maken zonder de toekomst te kennen en zelf ontdekken wat je leven betekenis geeft.
Misschien begint persoonlijke groei daarom niet bij het vinden van antwoorden, maar bij het leren omgaan met de vragen.
1. Wat is de existentiële benadering?
Existentiële therapie is minder gemakkelijk in één methode te vangen dan bijvoorbeeld cognitieve gedragstherapie of Transactionele Analyse. Er bestaat geen universeel stappenplan dat alle existentiële therapeuten volgen.
Het is eerder een manier van kijken naar de mens.
Centraal staan vragen als:
❂ Hoe wil ik leven?
❂ Wat doe ik met de vrijheid die ik heb?
❂ Waarvoor neem ik verantwoordelijkheid?
❂ Wat geeft mijn leven betekenis?
❂ Hoe ga ik om met verlies, onzekerheid en eindigheid?
❂ Hoe kan ik dichter leven bij wat werkelijk belangrijk voor mij is?
Daarmee begeeft existentiële therapie zich op het grensgebied van psychologie en filosofie. Niet om van therapie een filosofieles te maken, maar omdat sommige menselijke problemen niet alleen psychologische problemen zijn.
Iemand kan bijvoorbeeld maanden twijfelen over zijn werk.
Moet ik blijven of vertrekken?
Je kunt voor- en nadelen opschrijven. Salarissen vergelijken. Onderzoeken waar je stress vandaan komt. Dat kan allemaal nuttig zijn.
Maar daaronder kan een andere vraag liggen:
Als ik nog tien jaar zo doorga, leef ik dan een leven dat ik zelf heb gekozen?
Dat is een existentiële vraag.
De benadering probeert zulke vragen niet altijd snel te sluiten. Ze onderzoekt wat er gebeurt wanneer je ze werkelijk toelaat.
Daarmee komen we vanzelf bij de denkers die deze manier van kijken hebben gevormd. Hun namen zijn beroemd, maar hun vragen zijn verrassend alledaags gebleven.
2. Waar komt existentiële therapie vandaan?
De existentiële benadering heeft niet één grondlegger. Haar wortels liggen bij verschillende filosofen en therapeuten die zich afvroegen wat het betekent om mens te zijn:
✹ Søren Kierkegaard schreef over keuze, vrijheid en angst.
✹ Friedrich Nietzsche onderzocht hoe mensen waarden creëren en wat er gebeurt wanneer oude zekerheden verdwijnen.
✹ Martin Heidegger stelde eindigheid en ons besef van de dood centraal.
✹ Jean-Paul Sartre benadrukte vrijheid en verantwoordelijkheid.
Later brachten psychiaters en psychotherapeuten zulke vragen dichter bij de therapeutische praktijk. Belangrijke namen zijn onder anderen:
✻ Ludwig Binswanger onderzocht hoe psychische problemen samenhangen met de manier waarop mensen hun bestaan en wereld ervaren.
✻ Viktor Frankl ontwikkelde de logotherapie, waarin de zoektocht naar betekenis en zingeving centraal staat.
✻ Rollo May onderzocht de rol van angst, vrijheid, verantwoordelijkheid en persoonlijke moed in het menselijk bestaan.
✻ Emmy van Deurzen richt zich op existentiële psychotherapie en de levensvragen, dilemma's en tegenstrijdigheden waarmee mensen te maken krijgen.
✻ Irvin Yalom beschreef vier centrale existentiële thema's: dood, vrijheid, eenzaamheid en zinloosheid.
Vooral Frankl en Yalom maakten existentiële ideeën toegankelijk voor een groot publiek. Frankl legde met zijn logotherapie sterk de nadruk op zingeving. Yalom beschreef de vier bovenstaande fundamentele existentiële thema's.
Dat klinkt zwaar maar je hoeft geen filosofische crisis te hebben om ermee in aanraking te komen.
Je voelt het:
❊ wanneer een ouder overlijdt en je voor het eerst werkelijk beseft dat generaties verdwijnen.
❊ wanneer je kunt kiezen tussen twee banen en niemand je kan vertellen welke keuze de juiste is.
❊ wanneer je naast iemand ligt van wie je houdt en toch beseft dat die persoon nooit volledig kan ervaren hoe het is om jou te zijn.
❊ wanneer je eindelijk iets bereikt waarnaar je jaren hebt gestreefd en denkt: Waarom voel ik niet wat ik dacht dat ik zou voelen?
Juist daarom blijven deze historische ideeën relevant. Ze gaan niet over een traditionele filosofische discussie maar ze gaan over dingen waar we nog steeds tegenaan lopen.
En de krachtigste daarvan is dat ons leven eindig is.

3. Waarom kan het besef van de dood juist iets over het leven zeggen?
De meeste mensen weten natuurlijk dat ze ooit zullen sterven maar weten is iets anders dan beseffen. Soms dringt eindigheid ineens to je door.:
- Door rouw. Een ziekte.
- Een verjaardag.
- Het overlijden van iemand van je eigen leeftijd.
- Een kind dat volwassen wordt.
- Een foto waardoor je beseft hoeveel tijd er verstreken is.
Dat kan angst oproepen.
Onze eerste reactie is vaak begrijpelijk: Niet aan denken.
Toch zag Yalom het bewustzijn van de dood niet alleen als bron van angst. Juist omdat tijd begrensd is, krijgen keuzes gewicht.
Stel dat je absoluut zeker wist dat je nog vijfhonderd jaar had.
Waarom zou je vandaag iets veranderen?
- Je kunt later wel beginnen.
- Later zeggen wat je voelt.
- Later reizen.
- Later dat boek schrijven.
- Later besluiten of je werkelijk gelukkig bent in je relatie.
Eindigheid haalt dat eindeloze later onderuit. Dat kan confronterend zijn, maar ook verhelderend. Het besef van sterfelijkheid kan vragen oproepen als:
✼ Waar geef ik mijn tijd werkelijk aan?
✼ Welke dingen stel ik uit alsof tijd onbeperkt is?
✼ Welke relatie verdient meer aandacht?
✼ Waarvan zou ik spijt hebben als ik het nooit probeer?
✼ Wat blijkt minder belangrijk dan ik altijd dacht?
Dat betekent niet dat angst voor de dood vanzelf nuttig is. Ernstige doodsangst kan iemand juist verlammen en professionele therapie noodzakelijk maken.
Ook hoeft iemand die met ziekte of verlies wordt geconfronteerd daar geen levensles uit te halen. Rouw hoeft niet onmiddellijk te worden omgezet in groei.
De existentiële gedachte is subtieler: Omdat je leven eindig is, doet het ertoe hoe je het leeft.
En zodra dat werkelijk binnenkomt, verschijnt een volgende ongemakkelijke werkelijkheid.
Je kunt niet alleen leven.
Je moet ook kiezen.
4. Waarom kan vrijheid beangstigend zijn?
Vrijheid klinkt aantrekkelijk.
We willen vrijheid om ons werk te kiezen, relaties aan te gaan, ergens te wonen, onze mening te vormen en ons eigen levensdoel te ontdekken.
Maar vrijheid heeft een schaduwzijde.
Als jij werkelijk kunt kiezen, kun je niet eindeloos volhouden dat anderen volledig verantwoordelijk zijn voor de richting van je leven.
Dat kan ongemakkelijk zijn.
Stel dat je al acht jaar klaagt over je werk.
- Je leidinggevende is vervelend.
- Het bedrijf past niet bij je.
- Je verveelt je.
- Toch blijf je.
Misschien heb je goede redenen: hypotheek, kinderen, zekerheid, arbeidsmarkt.
Existentiële therapie zegt niet:
Dan moet je gewoon ontslag nemen.
Ze kan wel een moeilijkere vraag stellen:
Wat kies je door te blijven?
Ook niet kiezen kan een keuze worden.
Dat betekent niet dat iedereen onbeperkte vrijheid heeft. Geld, gezondheid, afkomst, discriminatie, verantwoordelijkheden, toeval en maatschappelijke omstandigheden begrenzen onze mogelijkheden.
Existentiële vrijheid betekent daarom niet:
Je kunt alles worden wat je wilt.
Eerder:
Binnen de werkelijkheid waarin je terecht bent gekomen, blijft er vaak enige ruimte voor hoe je je ertoe verhoudt en wat je vervolgens doet.
Daar horen bijvoorbeeld bij:
- erkennen wat je niet kunt veranderen;
- zien waar je wél invloed hebt;
- verantwoordelijkheid nemen voor een mogelijke keuze;
- accepteren dat iedere keuze ook iets uitsluit;
- handelen zonder volledige zekerheid.
Dat laatste is belangrijk.
We stellen beslissingen soms niet uit omdat we te weinig informatie hebben, maar omdat we wachten op een zekerheid die niet bestaat.
- Hoe weet ik zeker dat deze relatie goed blijft?
- Hoe weet ik dat een andere baan beter is?
- Hoe weet ik dat ik geen spijt krijg?
Dat weet je niet.
Daar raakt existentiële vrijheid aan zelfeffectiviteit: het vertrouwen dat je kunt handelen, ook wanneer je niet alles onder controle hebt.
Maar vrijheid brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee. Anderen kunnen je helpen bij moeilijke keuzes, maar uiteindelijk moet je zelf beslissen welke richting je aan je leven geeft.

5. Waarom kun je je eenzaam voelen terwijl je van iemand houdt?
Existentiële eenzaamheid is niet hetzelfde als geen vrienden hebben.
Je kunt een liefdevolle partner hebben, goede vrienden en een hecht gezin en toch momenten ervaren waarop niemand volledig bij je kan komen.
✽ Niemand kan precies jouw gedachten denken.
✽ Niemand kan jouw pijn volledig voelen.
✽ Niemand kan jouw keuze voor je maken.
✽ Niemand kan jouw leven voor je leven.
Yalom spreekt daarom over existentiële isolatie: de fundamentele afstand die blijft bestaan tussen twee afzonderlijke mensen. Dat klinkt misschien somber, maar hoeft het niet te zijn.
Juist wanneer je accepteert dat een ander jou nooit volledig kan aanvullen, kan een relatie veranderen.
Je hoeft dan minder van de ander te eisen dat hij:
❃ Jouw onzekerheid wegneemt.
❃ Altijd begrijpt wat je bedoelt.
❃ Jouw eigenwaarde bevestigt.
❃ Jouw keuzes rechtvaardigt.
❃ Jouw innerlijke leegte oplost.
Dat kan ruimte geven aan verbinding.
Niet:
Jij moet ervoor zorgen dat ik mij compleet voel.
Maar: Ik ontmoet jou als iemand die zelf ook een eigen binnenwereld heeft.
Daarvoor zijn zelfkennis en zelfacceptatie belangrijk. Hoe beter je kunt verdragen dat sommige ervaringen van jou zijn, hoe minder iedere afstand automatisch als afwijzing hoeft te voelen.
Dat betekent niet dat ongezonde eenzaamheid geromantiseerd moet worden. Mensen hebben anderen nodig. Langdurig sociaal isolement kan schadelijk zijn en verbinding blijft een fundamentele menselijke behoefte.
De existentiële benadering voegt daar alleen iets aan toe: zelfs in de diepste verbinding blijven twee mensen twee mensen.
Misschien maakt juist dat liefde betekenisvol.
- Je bent niet verbonden omdat je één wordt.
- Je bent verbonden terwijl je verschillend blijft.
En wanneer de ander jouw leven niet van betekenis kan voorzien, verschijnt opnieuw een vraag die alleen jij werkelijk kunt onderzoeken: Waarvoor leef je?
6. Moet je de zin van het leven vinden?
De vraag naar zingeving klinkt enorm.
Wat is de zin van mijn leven?
Daar kun je gemakkelijk op vastlopen.
Misschien helpt een kleinere vraag: Wat maakt mijn leven vandaag de moeite waard?
Voor de één is dat:
✾ Het opvoeden van kinderen.
✾ Kunst maken.
✾ Onderzoek doen.
✾ Een bedrijf opbouwen.
✾ Voor iemand zorgen.
✾ De natuur beschermen.
✾ Liefhebben.
✾ Leren.
✾ Lesgeven.
✾ Een tuin onderhouden.
✾ Muziek maken.
✾ Geloof.
✾ Vriendschap.
Betekenis hoeft niet spectaculair te zijn. Ook hoef je geen grote levensmissie te ontdekken. Dat idee kan zelfs nieuwe druk veroorzaken:
Andere mensen hebben blijkbaar een missie en ik nog steeds niet.
Existentiële therapie kan juist helpen onderzoeken welke persoonlijke waarden achter je keuzes liggen.
Misschien zeg je dat familie belangrijk voor je is, maar werk je zestig uur per week.
Misschien vind je vrijheid belangrijk, maar richt je je leven vooral in naar verwachtingen van anderen.
Misschien verlang je naar creativiteit, maar gun je jezelf daar nooit tijd voor omdat het niet productief genoeg voelt.
Er kan dan een verschil ontstaan tussen:
✲ Wat je zegt belangrijk te vinden.
✲ Wat anderen belangrijk vinden.
✲ Wat je denkt belangrijk te móéten vinden.
✲ Waar je werkelijk tijd en aandacht aan geeft.
✲ Wat je ervaart als betekenisvol.
Dat verschil kan schuren. Niet omdat er ergens één correct antwoord bestaat, maar omdat een leven steeds verder kan afdrijven van wat je zelf waardevol vindt.
Daarom gaat zingeving binnen een existentiële benadering niet alleen over rationeel denken.
Betekenis wordt ook geleefd.
Je ontdekt soms pas wat belangrijk voor je is wanneer je:
- ergens voor kiest;
- iets maakt;
- iemand helpt;
- ergens afscheid van neemt;
- eindelijk iets doet wat je jarenlang hebt uitgesteld.
En daar verschijnt een begrip dat nauw met de existentiële traditie verbonden is: authenticiteit.

7. Wat betekent authentiek leven eigenlijk?
Authentiek zijn wordt tegenwoordig gemakkelijk verward met:
Ik doe gewoon waar ik zin in heb.
Dat is niet wat de existentiële traditie ermee bedoelt.
Authenticiteit gaat eerder over het steeds eerlijker onder ogen zien van je eigen bestaan en vragen als:
✺ Welke keuzes maak ik?
✺ Welke keuzes vermijd ik?
✺ Welke waarden zijn werkelijk van mij?
✺ Waar verschuil ik mij achter verwachtingen, rollen of excuses
Dat kan confronterend worden. Iemand kan bijvoorbeeld jarenlang zeggen:
Mijn ouders verwachten dat ik in het familiebedrijf blijf.
Dat kan volledig waar zijn maar op een bepaald moment verschijnt daarnaast een tweede waarheid:
Ik kies er iedere dag opnieuw voor om te blijven.
Dat verschil kan pijnlijk zijn.
Want zolang alleen de ouders verantwoordelijk zijn, hoeft er niets te veranderen.
Zodra iemand zijn eigen aandeel ziet, ontstaat autonomie.
Niet noodzakelijk om weg te gaan.
Misschien kiest hij juist bewust voor het familiebedrijf.
Maar dan verandert:
Ik kan niet anders
in:
Ik blijf, omdat ik daarvoor kies.
Dat is een andere verhouding tot hetzelfde leven.
Authenticiteit kan daarom verschillende dingen vragen:
✧ Eerlijker erkennen wat je voelt.
✧ Een keuze niet langer uitsluitend aan anderen toeschrijven.
✧ Accepteren dat je tegenstrijdige verlangens hebt.
✧ Afscheid nemen van een beeld van wie je dacht te moeten zijn.
✧ Handelen vanuit persoonlijke waarden terwijl de uitkomst onzeker blijft.
Daar is persoonlijke kracht voor nodig, maar niet in de betekenis van altijd sterk zijn.
Soms is de meest authentieke zin juist:
Ik weet het niet.
Of:
Ik ben bang en ik wil het toch proberen.
Daar begint een belangrijk veranderingsproces want veel patronen blijven niet bestaan omdat we ze bewust kiezen. Ze helpen ons iets ongemakkelijks niet te hoeven voelen.
8. Wat proberen we soms niet te voelen?
Stel dat iemand iedere paar jaar van baan wisselt.
Steeds gebeurt ongeveer hetzelfde.
Eerst is er enthousiasme.
Daarna irritatie.
Dan ontstaat het gevoel vast te zitten.
Uiteindelijk vertrekt hij.
Een nieuwe baan geeft opluchting.
Tot hetzelfde gevoel terugkeert.
Misschien waren sommige banen werkelijk niet passend.
Maar misschien zit er ook een terugkerende beweging onder.
Zodra werk gewoner wordt, verschijnt de vraag: Is dit wat ik met mijn leven wil?
En in plaats van bij die onzekerheid te blijven, komt onmiddellijk een nieuwe baan.
Het nieuwe werk lost de existentiële vraag tijdelijk op doordat er weer beweging is.
Zo kunnen mensen op allerlei manieren ongemak ontwijken:
- voortdurend druk blijven zodat stilte niet voelbaar wordt;
- relaties beëindigen zodra echte kwetsbaarheid ontstaat;
- eindeloos opties onderzoeken om niet te hoeven kiezen;
- anderen tevreden houden om zelf geen positie in te nemen;
- alles proberen te controleren om onzekerheid niet te voelen.
Binnen de psychologie kunnen zulke reacties ook als coping worden bekeken.
De existentiële benadering stelt daarnaast een andere vraag:
Waartegen beschermt dit patroon mij?
Misschien:
◈ Tegen angst.
◈ Tegen verantwoordelijkheid.
◈ Tegen verlies.
◈ Tegen de mogelijkheid dat een keuze verkeerd uitpakt.
◈ Tegen het besef dat geen enkele keuze ooit volledige zekerheid biedt.
Hier kan ook een beperkende overtuiging meespelen: Ik mag geen verkeerde keuze maken.
Als je die gedachte absoluut gelooft, lijkt eindeloos twijfelen verstandig maar het gevolg kan zijn dat je nooit de ervaringen opdoet die je wereldmodel zouden kunnen verruimen.
Dan ontstaat een aangrenzende mogelijkheid.
Niet: Ik weet nu zeker wat de juiste keuze is.
Maar: Ik kan een kleine keuze maken zonder te weten waar die uiteindelijk toe leidt.
Dat is een subtiele verschuiving en precies daar blijft de existentiële benadering verrassend actueel.
9. Wat betekent de existentiële benadering anno 2026?
We beschikken over mogelijkheden waar eerdere generaties zich nauwelijks iets bij konden voorstellen.
Je kunt van beroep veranderen, opleidingen volgen, relaties buiten je directe omgeving aangaan, op afstand werken, informatie uit de hele wereld raadplegen en voortdurend zien hoe andere mensen hun leven vormgeven.
Meer mogelijkheden betekenen echter niet automatisch meer innerlijke vrijheid.
Soms gebeurt het tegenovergestelde.
Hoe meer opties je ziet, hoe sterker de vraag kan worden:
Maak ik wel de beste keuze?
Je kunt blijven vergelijken.
- Nog een opleiding.
- Nog een carrièrepad.
- Nog een mogelijke partner.
- Nog een manier waarop je leven eruit had kunnen zien.
Dat maakt existentiële vragen opvallend modern. Ze verschijnen bijvoorbeeld rond:
- keuzeovervloed en twijfel;
- prestatiedruk en identiteit;
- technologie en menselijk contact;
- werk dat succesvol maar betekenisloos voelt;
- veranderende relaties en levensvormen;
- ouder worden in een cultuur die jong wil blijven.
De existentiële benadering biedt daarvoor geen universeel antwoord. Dat is juist haar kracht. Ze zegt niet welke baan je moet nemen, of je kinderen moet krijgen, welke relatie bij je past of welk levensdoel je moet kiezen.
Ze helpt onderzoeken wie degene is die kiest.
Niet iedere onzekerheid hoeft opgelost te worden
Onze tijd biedt talloze manieren om onzekerheid te bestrijden:
❖ Meer informatie.
❖ Meer analyse.
❖ Meer advies.
❖ Meer optimalisatie.
Maar sommige onzekerheid verdwijnt niet.
Je kunt twintig relatietests invullen en nog steeds niet weten hoe je huwelijk er over vijftien jaar uitziet.
Je kunt honderd carrièrevideo's bekijken en nog steeds niet weten welke baan je gelukkig maakt.
Je kunt gezond leven en niet garanderen hoe oud je wordt.
Daar kan acceptatie belangrijk worden.
Niet als passiviteit, maar als erkennen:
Dit deel van het leven kan ik niet zeker weten.
Dat kan psychische flexibiliteit vergroten. Je hoeft niet te wachten tot angst verdwenen is voordat je beweegt.
Je kunt angst meenemen.
Twijfel meenemen.
Onzekerheid meenemen.
En toch kiezen.
Daarmee blijft de existentiële benadering anno 2026 opvallend eenvoudig: tussen alle systemen die ons vertellen hoe we beter, gelukkiger of succesvoller moeten worden, stelt zij een oudere vraag:
Hoe wil jij leven, gegeven dat je niet alles kunt controleren en je tijd niet onbeperkt is?
Maar een mooie filosofische vraag is nog geen bewezen therapie.
Daarom moeten we ook kijken wat onderzoek werkelijk laat zien.

10. Wat weten we wetenschappelijk over existentiële therapie?
Wetenschappelijk onderzoek naar existentiële therapie is lastiger te beoordelen dan onderzoek naar één strak omschreven behandelprotocol.
Onder de noemer existentiële therapie vallen namelijk verschillende benaderingen. Sommige zijn vrij open en gesprekgericht. Andere, zoals betekenisgerichte therapieën, zijn veel gestructureerder.
Een meta-analyse naar existentiële therapieën vond 21 geschikte gerandomiseerde onderzoeken. Vijftien onafhankelijke datasets met samen 1.792 deelnemers konden worden geanalyseerd.
Vooral betekenisgerichte behandelingen lieten gunstige resultaten zien. Er werden verbeteringen gevonden in ervaren betekenis, psychische klachten en zelfeffectiviteit. Voor andere vormen van existentiële therapie was het bewijs beperkter of minder overtuigend.
Recent onderzoek naar betekenisgerichte interventies laat eveneens positieve resultaten zien, vooral bij mensen die geconfronteerd worden met ernstige ziekte. Een meta-analyse uit 2025 naar patiënten met kanker en hun naasten vond onder meer verbeteringen in kwaliteit van leven, existentiële spanning en depressieve klachten.
Ook onderzoek bij mensen met depressie zonder ernstige lichamelijke ziekte laat interessante resultaten zien, maar de onderzoeksliteratuur is daar nog veel kleiner.
Daaruit kunnen we voorlopig drie dingen meenemen:
- betekenisgerichte interventies hebben een groeiende empirische basis;
- dat bewijs geldt niet automatisch voor iedere vorm van existentiële therapie;
- filosofische ideeën over vrijheid, dood of authenticiteit worden niet ineens wetenschappelijke feiten doordat ze therapeutisch bruikbaar zijn.
Dat laatste past eigenlijk goed bij de benadering zelf.
Niet alles wat waardevol is hoeft tot een meetbare wetmatigheid te worden gemaakt.
Maar wanneer therapie wordt gebruikt voor depressie, trauma of andere ernstige psychische problemen, blijft degelijk wetenschappelijk onderzoek belangrijk.
Voor persoonlijk onderzoek kunnen existentiële vragen ondertussen ook buiten de behandelkamer waardevol zijn.
11. Hoe kun je de existentiële benadering zelf gebruiken?
Je hoeft niet te beginnen met: Wat is de zin van mijn leven?
Dat is voor veel mensen zo groot dat er alleen stilte volgt.
Begin bij iets waar je daadwerkelijk tegenaan loopt.
- Een keuze die je uitstelt.
- Een situatie waarover je blijft klagen.
- Een relatie waarin je niet weet wat je wilt.
- Een verlangen waarvoor je geen ruimte maakt.
Iets waarvan je weet dat het ooit eindigt.
Onderzoek het vervolgens in zeven bewegingen.
A. Stop — wat speelt er werkelijk?
Schrijf de situatie in één of twee zinnen op.
Bijvoorbeeld:
Ik denk al twee jaar na over ander werk, maar doe niets.
Niet verklaren.
Niet oplossen.
Alleen erkennen.
B. Onderscheid — wat kun je wel en niet veranderen?
Misschien kun je de arbeidsmarkt niet bepalen.
Je kunt niet garanderen dat een nieuwe baan beter is.
Je kunt ook niet voorkomen dat iedere keuze risico bevat.
Maar misschien kun je wel:
- één gesprek voeren;
- één vacature bekijken;
- onderzoeken welke persoonlijke waarden je mist;
- een opleiding verkennen;
- besluiten voorlopig bewust te blijven.
Dit onderscheid voorkomt dat autonomie wordt verward met almacht.
C. Kijk naar de angst
Vraag: Wat zou ik moeten voelen als ik niet langer wegloop van deze situatie?
Misschien verschijnt:
- Angst voor mislukking.
- Spijt.
- Afwijzing.
- Onzekerheid.
- De gedachte: Wat als ik verander en ontdek dat het probleem niet mijn werk was?
Daar kan zelfreflectie ongemakkelijk maar waardevol worden.
D. Onderzoek wat belangrijk is
Niet: Wat zou ik moeten doen?
Maar: Wat wil ik met mijn keuze dienen?
- Vrijheid?
- Familie?
- Creativiteit?
- Rust?
- Avontuur?
- Verbondenheid?
- Zingeving?
Er hoeft geen perfecte ranglijst uit te komen. Het doel is ontdekken welke waarden werkelijk meewegen.
E. Herken waar je verantwoordelijkheid hebt
Misschien heb je weinig invloed op een deel van de situatie.
Erken dat.
Maar kijk ook waar je taal jezelf machtelozer maakt dan noodzakelijk.
Ik kan niet weg.
Is dat letterlijk waar?
Of betekent het: Weggaan heeft gevolgen die ik op dit moment niet wil dragen?
Dat tweede kan nog steeds een uitstekende reden zijn om te blijven.
Maar het is eerlijker en eerlijkheid creëert soms ruimte.
F. Kies één aangrenzende mogelijkheid
Je hoeft je leven niet morgen om te gooien. Kies iets dat het oude patroon net voldoende onderbreekt om nieuwe informatie mogelijk te maken zoals:
- Eén gesprek.
- Eén grens.
- Eén middag alleen.
- Eén sollicitatie.
- Eén keer nee zeggen.
- Eén keer uitspreken wat je werkelijk wilt.
Daar kan vertrouwen ontstaan dat niet vooraf beschikbaar was. Niet vertrouwen dat alles goed komt maar vertrouwen dat je kunt reageren op wat er komt.
G. Ervaar en kijk opnieuw
Na de stap stel je niet onmiddellijk de vraag: Heb ik het opgelost?
Maar vraag: Wat weet ik nu wat ik daarvoor niet wist?
✤ Misschien blijkt een angst kleiner.
✤ Misschien blijkt een angst groter.
✤ Misschien ontdek je dat je eigenlijk wilt blijven.
✤ Misschien voel je voor het eerst hoeveel je wilt vertrekken.
Nieuwe ervaring geeft nieuwe informatie en daarmee kan opnieuw een keuze ontstaan.
De beweging wordt dan: stilstaan → erkennen → onderzoeken → kiezen → ervaren → opnieuw kijken.
Niet om onzekerheid voorgoed uit je leven te verwijderen maar om te voorkomen dat onzekerheid jarenlang voor jou blijft kiezen.
12. Tenslotte
Misschien is dat het bijzondere aan de existentiële benadering: ze belooft geen leven zonder angst, twijfel of verlies. Niet op iedere levensvraag bestaat een antwoord, en niet alles wat moeilijk is, hoeft opgelost te worden.
Maar juist daarin schuilt ook vrijheid. Je kunt ontdekken wat werkelijk belangrijk voor je is, loslaten wat niet meer bij je past en nieuwe keuzes maken, zelfs wanneer de uitkomst onzeker blijft. Want misschien gaat authentiek leven niet over het vinden van alle antwoorden, maar over de moed om je eigen leven vorm te geven.
Bronnen
- Yalom, Irvin D. — Existential Psychotherapy.
- Yalom, Irvin D. — The Gift of Therapy.
- Frankl, Viktor E. — Man's Search for Meaning.
- Frankl, Viktor E. — The Will to Meaning.
- May, Rollo — The Meaning of Anxiety.
- May, Rollo — The Discovery of Being.
- Van Deurzen, Emmy — werk over existentiële psychotherapie en existentiële counseling.
- Vos, Joel, Craig, Mick & Cooper, Mick — Existential Therapies: A Meta-Analysis of Their Effects on Psychological Outcomes.
- Vos, Joel — onderzoek naar meaning-centered therapies, kwaliteit van leven en psychologische spanning.
- Marco, José H. e.a. — A Systematic Review of the Effectiveness of Meaning-Centred Psychotherapies in Depressed Participants.
- Wang, Ziqi e.a. — Effectiveness of Meaning-Centered Interventions on Existential Distress and Mental Health Outcomes in Cancer Survivors and Their Family Caregivers.

