arrow_drop_up arrow_drop_down

Kinderen en nachtmerries: Van baby tot kleuter, Van oorzaak tot gevolg....

Papa! Mama !Wie is er als kind nu niet weleens midden in de nacht de ouderlijke slaapkamer binnen gerend na een nachtmerrie? Verward, bang en huilend. Het grote nadeel van nachtmerries bij kinderen is dat ze moeite hebben om te beseffen dat ze het maar gedroomd hebben.

Ook als ze wakker zijn, blijven ze vaak bang en geschrokken en zitten ze vaak nog helemaal in het gevoel van de nachtmerrie. Vandaar dat ze de slaapkamer binnen rennen en willen schuilen in het ouderlijk bed.

Vaak zeggen die dan zoiets in de trant van: “Maak je niet druk, schatje. Het is maar een droom.”

Misschien haal je als ouder zo de eerste angel uit de angst door te zeggen dat het maar een droom is. Prima. Maar besef goed dat de nachtmerrie zijn oorsprong heeft in een gebeurtenis, een ervaring waarvan het kind niet in staat is om het bewust te verwerken.

Dus door ze gerust te stellen los je de oorzaak van de nachtmerrie niet op. En daarom richten we ons nu op wat je nog meer kunt doen in het voorkomen en verhelpen van kindernachtmerries maar we beginnen met wat meer achtergrondinfo over kinderen en nachtmerries

1-    Van slaap naar droomslaap

Dromen zijn een essentieel onderdeel van de slaap. Het slapen verloopt in een aantal slaapcycli waarbij de diepe slaap, waarin niet gedroomd wordt, wordt afgewisseld met lichte, onrustige slaap waarin gedroomd wordt.

De fase waarin er diep geslapen wordt, noemen we de non-remslaap. In deze fase is je kind rustig, koel, ademt diep en wordt moeilijk wakker. In deze fase van de slaap komen problemen als bedplassen, slaapwandelen en nachtangst voor. Het kind slaapt dan zo diep dat het niet wakker wordt van de aandrang tot plassen of het wandelen door de kamer.

In de loop van de nacht wordt deze periode steeds korter en de lichte slaap, de rem slaap, wordt steeds langer. In deze lichte slaap worden bepaald delen van je hersenen ineens weer heel actief, je ademhaling en hartslag versnellen terwijl het hele lichaam volledig ontspannen, bijna verlamd ( slaapverlamming) lijkt. Alleen je ogen schieten achter je oogleden heen en weer.

Daarom heet dit slaapstadium remslaap, naar de Engelse benaming Rapid Eye Movement. Het is tijdens deze fase van slaap dat je kind het meest intensief droomt. In deze fase van de slaap wordt je kind ook gemakkelijk wakker omdat hij of zij vlak tegen ontwaken aanzit. Remslaap wordt ook wel droomslaap genoemd.

2- Kinderen in droomslaap…

Kinderen, die om zeven uur naar bed gaan en twaalf uur later ontwaken, hebben niet urenlang liggen dromen. Net zomin als ze al die tijd op dezelfde manier hebben liggen slapen. Ze belanden, net als volwassenen, gedurende de nacht in steeds andere slaapfases, die elkaar bovendien voortdurend afwisselen.

Omdat kinderen vaker in de fase van de remslaap zijn, dromen kinderen vaker dan volwassenen. Bovendien duurt de remslaap bij kinderen langer waardoor hun dromen ook langer duren. Baby’s zijn zelfs maar liefst 45 tot 65 procent van hun slaaptijd in remslaap, ofwel ongeveer negen uur per dag.

Dat jonge kinderen zo veel meer remslaap hebben, wijst er volgens wetenschappers, op dat deze fase belangrijk is voor de zich ontwikkelende kinderhersenen.

Maar dat geldt trouwens niet alleen voor kinderen. In een wetenschappelijk experiment dat wetenschappers hebben gedaan werden mensen steeds wakker gemaakt op het moment dat ze aan hun remslaap begonnen.

Alle proefpersonen probeerden, dat tekort aan remslaap goed te maken, de volgende nachten met langere en veelvuldigere periodes van remslaap in te halen. Kennelijk doen al die actieve hersengolven iets voor ons.

3- Hoe jonger, hoe enger…

Bijna alle kinderen hebben weleens last van nachtmerries. Vaker dan volwassenen zelfs, en met een hoogtepunt op vijf- of zesjarige leeftijd. Omdat peuters het verschil tussen droom en werkelijkheid nog niet zien, kan dat je kind heel bang maken. Vanaf de kleuterleeftijd kunnen kinderen een droom vaak wel navertellen, en kun je er dus ook beter over praten.

Het goede nieuws: meestal neemt de frequentie van de nachtmerries af wanneer je kind een jaar of tien is. In heel zeldzame gevallen blijven één of meerdere nachtmerries terugkeren, en groeit je kind er niet overheen. In dat geval kan een psycholoog of pedagoog helpen – maar dat is echt van veel latere zorg.

Dat het bij dit alles nogal uitmaakt of je kind 2 is of 10, dat lijkt mij helder. Heel jonge kinderen hebben nog niet de woorden en het begrip om op hun dromen te reflecteren. Vanaf dat een kind ongeveer achttien maanden oud is kunnen angstdromen voorkomen. In de leeftijdsfase tussen de twee en drie jaar kunnen kinderen dromen/fantasie en werkelijkheid nog niet van elkaar onderscheiden.

Kinderen kunnen vaak vanaf het derde levensjaar vertellen over hun dromen. Afhankelijk van de spraakontwikkeling van het kind zal dit nog wel wat moeite kosten. Dromen van drie tot vijfjarigen blijken vooral over dieren en lichamen te gaan. Naarmate het kind ouder wordt en zich verder ontwikkeld, komt hier meer variatie in.

Pas als ze een jaar of 4 zijn, zijn ze zich bewust van het feit dat wat zij ’s nachts meemaken, dromen of nachtmerries zijn. En dat het dus niet echt is wat ze allemaal zien. In deze fase geloven kinderen echter nog vaak dat dromen van buitenaf in hun hoofd worden gestopt.

Als kinderen een jaar of 7, 8 zijn, ontstaat het begrip dat de dromen in hun eigen hoofd worden gemaakt en dat zij er dus min of meer zelf verantwoordelijk voor zijn.

Toch kunnen droombeelden dan nog zóveel indruk maken en de droomgevoelens zo tastbaar zijn, dat het ook voor hen moeilijk is om te beseffen dat het alleen om fantasiebeelden gaat. Rond hun negende jaar zijn kinderen in staat met dezelfde afstand en meer zelfreflectie naar hun dromen te kijken als volwassenen.

Het is onduidelijk hoe vaak nachtmerries bij kinderen voorkomen. Maar uit onderzoek blijkt dat nachtmerries bij kinderen tussen de drie en zes jaar zo vaak voorkomen dat 10 tot vijftig procent van de ouders zich zorgen maken. Ongeveer een kwart van de kinderen in deze leeftijdsfase heeft minstens één nachtmerrie per week.

Of baby’s dromen is natuurlijk heel moeilijk vast te stellen omdat ze niet zelf kunnen aangeven of ze gedroomd hebben. Maar veel ouders denken van wel. Dat hun kind droomt.

Ze hebben het gevoel dat ze kunnen zien dat hun kind droomt. Zoals bij verdriet of paniek bij het wakker worden of door het praten of murmelen in de slaap.Sommige deskundigen denken dat baby’s en dreumesen wel dromen maar meer in de vorm van basisbehoeften zoals warmte, drinken, knuffelen.

4- Wat veroorzaakt de nachtmerrie bij je kind?

In dromen en nachtmerries verwerkt je kind de indrukken die het overdag heeft opgedaan. Dromen kunnen hiermee signalen geven over het gevoelsleven van het kind.

In dromen komen de angsten of frustraties van je kind naar buiten. Er hoeft dan niet gelijk sprake te zijn van nachtmerries. En zo af en toe een nachtmerrie is ook geen reden tot zorgen. Ieder kind heeft wel eens tegenslagen of angsten, dit hoort ook bij de ontwikkeling.

Als je de belangrijkste oorzaken van  van kinderdromen en nachtmerries naast elkaar zet, dan springen deze vier er uit:

  1. Bepaalde gebeurtenissen te verwerken
  2. Een situatie te leren of trainen
  3. Stress te verminderen en ontladen
  4. Blijk geven van onderliggende gevoelens

In de de meer praktische zin kunnen deze oorzaken ten grondslag liggen aan een nachtmerrie:

  • Een te drukke dag
  • Hoog gevoeligheid
  • Te veel/ te laat eten
  • Het gebruik van medicijnen
  • Slapen op de rug
  • Slapen in een te warme kamer of bed
  • Emotionele problemen
  • Trauma zoals scheiding ouders, verlies huisdier of grootouder

Maar de meest voorkomende oorzaak van nachtmerries bij kinderen is vaak simpelweg de groei en ontwikkeling.

In het begin kunnen kinderen de nachtmerrie zich nog levendig voor de geest halen. Zo kan het maar zo zijn dat ze twee weken later tijdens het avondeten ineens over  hun nachtmerrie beginnen te vertellen. Meestal zijn ze na een maand verdwenen.

5 –  De gevolgen…

In de meeste geval staat een nachtmerrie symbool voor iets wat het kind moet verwerken en vaak groeit hij of zij daar vanzelf overheen. Wel verstoort zo’n enge droom natuurlijk de nachtrust en kan dat weer vervelende gevolgen hebben:

1- Bang om te gaan slapen: Kinderen vinden het eng om weer te gaan slapen. Wanneer ze in de nacht wakker zijn geworden, is het lastig voor ze om de rust te vinden. Ze zijn bang dat de nachtmerrie terugkomt komt. Kinderen kunnen de volgende dag of zelfs week nog bang zijn om te gaan slapen.

2- Vermoeidheid: Het hebben van nachtmerries verstoort de slaap. Kinderen worden van schrik wakker en dan hebben zij hun slaapcyclus niet afgemaakt. Dit kan voor slapeloosheid zorgen.

3- Concentratieproblemen: Vanwege de vermoeidheid en het denken aan de enge dromen is het lastiger voor kinderen om zich goed te kunnen concentreren.

4- Slaaptekort: Door het slaaptekort bestaat de kans dat kinderen minder weerbaar zijn. Fysiek kan dit zich uiten in sneller ziek worden en mentaal in een gevoel van minder eigenwaarde, lager zelfbeeld of afnemend zelfvertrouwen.

6 – Wat kun je eraan doen?

Door je erin te verdiepen kom je meer te weten over frustraties, angst en boosheid die bij je kind leven, maar ook over nieuw verworven kennis en de ontwikkeling.  Hoe? Wanneer we angstdromen onder ogen zien, ze tegemoet treden, overwinnen of ons met ze verzoenen, dan vergroten we het zelfvertrouwen van onze kids.

Hier een lijst van dingen die je kunt doen om je kind weerbaarder en pro-actiever te maken wanneer ze last van nachtmerries hebben.

A – Wat je voor het slapen gaan kunt doen:

  • Vraag  aan je kind, vlak voor het slapen gaan, een leuk moment voor de geest te halen. Moedig je kind aan om te vertellen over een fijne droom of gebeurtenis en stel daar dan vragen over die het positieve karakter van de droom of het moment bevestigen.
  • Voor het slapen gaan jullie samen alle boze dromen wegblazen of een dromenvanger (van alles kan hiervoor doorgaan) ophangen waar alle nare dromen in blijven hangen.
  • Kinderen hebben vaak ook veel steun aan een beer of een magisch wapen zoals een zwaard of een toverstokje waarmee ze zich kunnen beschermen tegen de nare dromen. Het werkt het beste wanneer het kind zelf een knuffel of een ander magisch ding kiest omdat het kind er dan nog meer in gelooft. .
  • Ook kan het soms helpen om samen met het kind voor het slapen gaan iets leuks te verzinnen om over te dromen.
  • Daarnaast kan het helpen de kamer van het kind eens goed te bekijken in het donker. Een gewone stoel kan bijvoorbeeld in het halfdonker een enge schaduw opleveren. Een klein lampje of de meubels een beetje anders zetten kan dan een simpele oplossing zijn voor een groot probleem voor het kind.
  • Wanneer er iets vervelends is gebeurd in de loop van de dag, kan het goed zijn hier voor het slapen gaan nog even over te praten, zodat je kind uiting kan geven aan zijn of haar gevoelens.
  • Ontspannen naar bed gaan scheelt de helft. Geen tablet of televisie vlak voor bedtijd, geen zware gesprekken, maar liever even in bad of een boekje lezen.
  • Zorg ervoor dat je kind minstens een uur voor het slapen gaan niet meer eet of suikerhoudend drinken naar binnen werkt. Voedsel zorgt ervoor dat je lichaam actief bezig moet zijn met het verteren van het voedsel. Je lichaam is dus actief terwijl het eigenlijk in slaapmodus moet gaan.
  • Laat jouw kind niet meer naar een beeldscherm bekijken voor het slapen gaan. Het blauwe licht zorgt ervoor dat de hersenen actief blijven. Terwijl het brein juist in ruststand moeten gaan. Speel liever samen een spelletje of lees voor uit een leuk boekje.
  • Stop een klein lampje in het stopcontact. Of laat de lamp op de overloop aanstaan. Het kan een wereld van verschil zijn voor jouw kleintje.

B – Wat je overdag kunt doen

  • Praat overdag over de nachtmerries. Zo ontdek je vaak ook de onderliggende angst of frustratie. Maar nachtmerries kunnen ook gewoon ontstaan uit de fantasie van je kind, zonder dat er een onderliggende betekenis is. Er zijn gezinnen waar de gezinsleden ieder morgen aan elkaar hun nachtelijke avonturen vertellen
  • Bij het praten over dromen is het vooral belangrijk je kind te laten praten en niet jouw uitleg op te dringen. Volg de uitleg van je kind (Je zegt misschien: “die rare vogel was echt wel eng”, terwijl in de beleving van je kind die vogel juist de grote redder was in de nachtmerrie).
  • Je kind heeft het meeste bate bij een vrij gesprek waarbij jij open vragen stelt en het gevoel van het kind helpt te benoemen.
  • Een andere mogelijkheid is je kind helpen om de nachtmerrie een andere verloop te geven. Door te praten over de droom kan een ander einde verzonnen worden of kan een idee aangereikt worden hoe de droom anders te laten verlopen. Hier vind je een krachtig voorbeeld van deze tip…
  • Leer je kind in het dagelijks leven, stap voor stap, de vaardigheden die het in z’n dromen nodig heeft.
  • Lees het verhalen voor, die een voorbeeld zijn van een confrontatie die succes heeft.
  • Beweeg gedurende de dag voldoende in de frisse lucht. Het is goed voor je lichaam en het zorgt ervoor dat je melatonine aanmaakt, het hormoon dat het slapen bevordert.

C- Wat je na het wakker worden kunt doen:

  • Het is heel belangrijk om je kind te troosten na een nachtmerrie. Knuffel je kind en luister goed naar wat hij of zij zegt. Wacht tot het kind gekalmeerd is en verlaat dan pas de kamer.
  • Neem je kind liever niet bij jou in bed na een nachtmerrie. Onbewust kan dit de boodschap geven dat het op jullie kamer veiliger is dan in het eigen bed. Op deze manier kunnen meer slaapproblemen ontstaan.
  • Wanneer er sprake is van slaaptekort kan een kind eerder last krijgen van nachtmerries omdat de behoefte aan diepe slaap groter is. Probeer het slaaptekort op te lossen door eventueel een middagdutje of vervroegde bedtijd te hanteren. Wordt dit een probleem? Neem dan contact op met je huisdokter.
  • Als je kind in de nacht wakker wordt, omdat hij heeft gedroomd dat er een boef in haar kast zit. Doorzoek dan de kast en de gehele kamer naar de boef. Zo kun je haar geruststellen.
  • Doorbreek het droompatroon door even op te staan, naar de wc te gaan, een slokje water geven, over de rug aaien.
  •  Leg een potlood en een dagboekje naast het bed van je kind. Zij kan zo al haar (belemmerende) gedachtes en emoties opschrijven of tekenen in het boekje. Zo blijft het niet in haar hoofdje  zitten, maar heeft het even een ander plekje.
  • Schrijf in datzelfde boekje ook helpende gedachtes. Dit zijn gedachtes die je kind sterker maken. Denk aan: Ik ben een sterke meid. Ik weet dat nachtmerries nep zijn. Papa en mama zijn er voor mij als ik bang ben.
  • De droom sturen: In een droom kun je doorhebben dat je droomt. Dat is niet gemakkelijk en ook niet voor iedereen weggelegd. Het betekent dat je hersenen in staat zijn om te weten dat zij dromen. Hierna ben je ook in staat om de droom te sturen. Je kunt dit ook aan je kind uitleggen.

7 – Tenslotte

De moderne psychologie leert ons de grote waarde van goed omgaan met je angst.De meisjes en jongens die geen passieve slachtoffers van hun dromen zijn, maar er actief mee omgaan, zullen ook het leven met meer vertrouwen tegemoet treden.

Wanneer je kind echt vaak nachtmerries heeft, is dit een teken om in actie te komen. Kom je er met bovenstaande tips niet uit? Ga dan het gesprek aan met je huisarts. Die kan je doorverwijzen naar een specialist. Een nachtmerrie op zijn tijd, daar worden we alleen maar wijzer van maar als het uitdraait op een vorm van terreur, dan moeten ze gestopt worden…

PS: Wist je dat ik een heel leuk boekje heb geschreven over hoe jij je nachtmerries kunt voorkomen, verhelpen en oplossen? Dat boekje Stoppen Met Nachtmerries kun je hier gratis downloaden

Over de schrijver
"Ik ben al mijn hele leven nieuwsgierig naar wat mensen beweegt en drijft. Met Helder Dromen heb ik een platform gecreëerd waarmee ik andere mensen wil helpen wanneer ze het gevoel hebben vast te zitten in hun leven. Je leven weer terug in haar natuurlijke flow krijgen, daar draait het wat mij betreft om. Hoe dat eruitziet? Geen flauw idee. Hoe dat voelt? Dat je het vrije, blije en rijke leven leeft wat jij wil. Een quote van Lew Hen is daarbij leidend: “Als je leven moeilijk is, dan is het niet jouw leven…” Dat helpen doe ik door middel van het delen van handige tips en technieken in mijn blogs, interessante gratis boekjes en gratis trainingen. Verder heb ik al mijn kennis en nieuwste ontwikkelingen gebundeld in de workshops. Ik weet dat ik niet alle wijsheid in pacht heb maar wel een wijsheid die voor anderen een bron kan zijn van persoonlijke groei, inspiratie en vooruitgang...
Reactie plaatsen

De Workshop Lucide Dromen

Ontdek de laatste tips en technieken en word een lucide dromer...

Wij gebruiken cookies....