Imagery rescripting

Een herinnering aan een vernederend moment kan jaren later nog steeds onmiddellijk hetzelfde gevoel oproepen. Je weet rationeel misschien dat de situatie voorbij is, maar zodra het beeld terugkomt, zijn ook de schaamte, angst of machteloosheid er weer.

Binnen imagery rescripting wordt zo'n belastend innerlijk beeld opnieuw opgeroepen, maar krijgt het in de imaginatie een ander verloop. Iemand kan bijvoorbeeld bescherming krijgen die er destijds niet was, voor zichzelf opkomen of een situatie verlaten waarin hij zich oorspronkelijk machteloos voelde.

Het verleden wordt daarmee niet herschreven alsof het anders heeft plaatsgevonden. Wat verandert, is de manier waarop de herinnering of voorstelling in het heden wordt ervaren en welke betekenis eraan verbonden is.

1. Wat is imagery rescripting?

Imagery rescripting, vaak afgekort tot ImRs, is een psychotherapeutische techniek waarbij een emotioneel belastende mentale voorstelling bewust wordt veranderd.

Dat kan een herinnering zijn, maar bijvoorbeeld ook een terugkerend toekomstbeeld of ander indringend innerlijk scenario.

De methode maakt gebruik van mental imagery: het vermogen om zonder directe prikkel van buitenaf innerlijke zintuiglijke voorstellingen te ervaren.

Waar gewoon herinneren vooral kan bestaan uit weten wat er gebeurd is, kan mental imagery een situatie opnieuw ervaarbaar maken. Er kunnen beelden verschijnen, maar ook geluiden, lichamelijke gewaarwordingen en emoties.

Juist daardoor kan een voorstelling emotioneel veel kracht hebben.

2. Hoe ziet imagery rescripting er in de praktijk uit?

Er bestaat niet één universeel protocol. De precieze werkwijze verschilt per therapeutische benadering en probleem.

Een therapeut kan iemand bijvoorbeeld vragen een belastende herinnering in gedachten terug te halen. Niet alleen de feiten worden belangrijk, maar ook wat de persoon op dat moment zag, voelde, verwachtte en over zichzelf of anderen ging geloven.

Vervolgens wordt het scenario in de imaginatie veranderd.

Stel dat iemand als kind herhaaldelijk werd uitgelachen in de klas en zich daarbij machteloos voelde. In een rescripting kan bijvoorbeeld een volwassen versie van die persoon de herinnering binnenkomen, het kind beschermen, de situatie stoppen en duidelijk maken dat het kind niet verantwoordelijk was voor wat gebeurde.

Bij andere vormen grijpt de therapeut aanvankelijk in de voorstelling in en neemt de cliënt deze rol later over.

Het nieuwe scenario hoeft dus niet realistisch te reconstrueren wat destijds had kúnnen gebeuren. Het is vooral bedoeld om emotionele behoeften, betekenissen en reacties te veranderen die aan het oorspronkelijke beeld verbonden zijn.

3. Waarom kunnen mentale beelden zoveel invloed hebben?

Een mentale voorstelling is niet hetzelfde als echte perceptie, maar beide processen vertonen belangrijke overeenkomsten.

Wanneer iemand zich levendig voorstelt dat er iets bedreigends gebeurt, kan dat daardoor echte emoties en lichamelijke reacties oproepen. Een toekomstbeeld waarin een presentatie volledig mislukt, kan bijvoorbeeld spanning veroorzaken terwijl de presentatie nog dagen verwijderd is.

Hetzelfde geldt voor herinneringen.

Een gebeurtenis kan objectief voorbij zijn terwijl een innerlijk beeld nog steeds gevoelens van angst, schaamte, schuld of machteloosheid activeert.

Imagery rescripting gebruikt juist deze ervaringsgerichte eigenschap van imaginatie. Niet alleen wordt er óver een gebeurtenis nagedacht; de persoon komt opnieuw in contact met de innerlijke voorstelling en verandert vervolgens iets binnen die voorstelling.

4. Wordt daarmee de herinnering veranderd?

Hier is een belangrijk onderscheid nodig.

Ons geheugen is geen videorecorder die gebeurtenissen als onveranderlijke bestanden opslaat. Herinneringen zijn reconstructief en kunnen bij het ophalen opnieuw worden beïnvloed.

Dat betekent echter niet dat imagery rescripting bedoeld is om iemand te laten geloven dat het verleden anders heeft plaatsgevonden.

Een goede rescripting maakt juist onderscheid tussen historische werkelijkheid en therapeutische imaginatie.

Iemand kan weten:

“Niemand kwam mij toen helpen.”

en zich tegelijkertijd voorstellen:

“Nu komt mijn volwassen zelf binnen en beschermt dat kind.”

De tweede gebeurtenis wordt daarmee niet tot een historische herinnering gemaakt. De voorstelling biedt een nieuwe ervaring en mogelijk een andere betekenis bij de bestaande herinnering.

Dat onderscheid is extra belangrijk bij trauma en vroege jeugdherinneringen, omdat suggestie en imaginatie ook de manier waarop mensen gebeurtenissen herinneren kunnen beïnvloeden.

5. Wat kan er door rescripting veranderen?

Een centraal idee achter imagery rescripting is dat pijnlijke ervaringen niet alleen als gebeurtenissen worden onthouden, maar ook betekenis kunnen krijgen.

Een kind dat herhaaldelijk wordt afgewezen kan bijvoorbeeld conclusies ontwikkelen als:

“Er is iets mis met mij.”

“Andere mensen wijzen mij uiteindelijk af.”

“Ik kan mezelf niet beschermen.”

Zulke conclusies kunnen later onderdeel worden van het zelfbeeld, het wereldmodel of hardnekkige beperkende overtuigingen.

Tijdens imagery rescripting kan juist die betekenis verschuiven.

Het oorspronkelijke beeld verdwijnt daarvoor niet noodzakelijk. De persoon kan dezelfde gebeurtenis blijven herinneren, terwijl de gevoelens en overtuigingen die ermee verbonden zijn minder absoluut worden.

Een belangrijke onderzoekslijn is daarom dat ImRs mogelijk niet alleen de emotionele lading van herinneringen beïnvloedt, maar ook de overtuigingen die eraan gekoppeld zijn.

6. Waarvoor wordt imagery rescripting gebruikt?

Imagery rescripting wordt binnen verschillende vormen van therapie toegepast en onderzocht.

De methode is onder meer onderzocht bij posttraumatische stress, sociale angst, obsessieve-compulsieve klachten, eetstoornissen, nachtmerriestoornis, gezondheidsangst en andere problemen waarbij belastende mentale beelden een belangrijke rol kunnen spelen.

Bij sociale angst kan iemand bijvoorbeeld steeds een innerlijk beeld hebben waarin hij zichzelf ziet blozen, hakkelen of belachelijk maken. Zo'n beeld kan verbonden zijn met een eerdere ervaring van vernedering en bijdragen aan de verwachting dat een vergelijkbare situatie opnieuw zal plaatsvinden.

Rescripting richt zich dan niet uitsluitend op de gedachte “anderen vinden mij belachelijk”, maar ook op het beeld en de emotionele ervaring waarmee die verwachting verbonden is.

Een systematische review en meta-analyse uit 2023 vond over verschillende psychische aandoeningen veelbelovende effecten van korte imagery-rescriptinginterventies. De auteurs benadrukken tegelijkertijd dat vergelijkingen met actieve behandelingen veel minder duidelijke verschillen lieten zien dan vergelijkingen met passieve controlegroepen.

7. Is imagery rescripting hetzelfde als exposure?

Nee, hoewel er overlap kan bestaan.

Bij exposuretherapie wordt iemand gecontroleerd geconfronteerd met datgene waarvoor angst bestaat, zodat nieuwe leerervaringen kunnen ontstaan en vermijding wordt doorbroken.

Bij imagery rescripting wordt een voorstelling eveneens geactiveerd, maar daar blijft het niet bij. Het verloop of de betekenis van de voorstelling wordt bewust veranderd.

Daardoor kan rescripting ook emoties aanspreken waarvoor alleen angstvermindering niet altijd de belangrijkste kwestie is, zoals schaamte, schuld, boosheid of machteloosheid.

In sommige behandelingen worden exposure en rescripting met elkaar gecombineerd.

8. Wat is het verschil met Imagery Rehearsal Therapy?

Imagery Rehearsal Therapy (IRT) is vooral bekend als behandeling voor terugkerende nachtmerries.

Daarbij wordt een nachtmerrie veranderd in een minder bedreigend of anders verlopend scenario, waarna de nieuwe versie in wakende toestand wordt gerepeteerd.

Daarmee bestaat duidelijke verwantschap met imagery rescripting: in beide gevallen wordt een belastend innerlijk scenario gewijzigd met behulp van imaginatie.

Toch zijn de begrippen niet identiek.

Imagery rescripting is een bredere psychotherapeutische techniek die ook bij herinneringen, negatieve zelfbeelden en andere belastende mentale voorstellingen wordt toegepast. IRT is een specifieke behandelvorm die zich primair op nachtmerries richt.

9. Hoe werkt imagery rescripting volgens onderzoek?

Daar bestaat nog geen definitief antwoord op.

Mogelijke verklaringen richten zich onder andere op het verminderen van emotionele belasting, het veranderen van betekenissen en overtuigingen, het creëren van nieuwe emotionele ervaringen en het actualiseren van oude herinneringsstructuren.

Ook geheugenreconsolidatie wordt regelmatig genoemd: het idee dat een geactiveerde herinnering onder bepaalde omstandigheden opnieuw kan worden aangepast voordat zij weer wordt opgeslagen. Het is echter te stellig om imagery rescripting simpelweg gelijk te stellen aan bewezen geheugenreconsolidatie.

Een gerandomiseerd onderzoek uit 2024 naar mensen met jeugdgerelateerde PTSS vond dat zowel imagery rescripting als EMDR samenhing met veranderingen in de belasting van traumatische herinneringen. Bij imagery rescripting leken veranderingen in bepaalde ingekapselde overtuigingen bovendien samen te hangen met symptoomverandering.

De precieze mechanismen blijven onderwerp van onderzoek.

10. Tenslotte

Imagery rescripting laat zien dat een herinnering meer kan zijn dan een verzameling feiten. Wat iemand innerlijk ziet, voelt en verwacht en welke betekenis daaraan wordt gegeven, kan mede bepalen hoe een ervaring in het heden doorwerkt.

Bij rescripting wordt de historische gebeurtenis niet ontkend of vervangen. De innerlijke voorstelling krijgt een nieuwe mogelijkheid: bescherming waar machteloosheid was, handelen waar iemand bevroor, steun waar iemand alleen stond, of een andere betekenis waar ooit een harde conclusie over zichzelf ontstond.

Daarmee bevindt imagery rescripting zich op een interessant kruispunt van imaginatie, mental imagery, geheugen, emoties en therapie. Het verleden zelf verandert niet. Maar de manier waarop het verleden in het heden wordt ervaren, hoeft evenmin voor altijd hetzelfde te blijven.

Reactie plaatsen