Systemisch werk

Systemisch werk is een verzamelnaam voor benaderingen waarbij een persoon niet uitsluitend als individu wordt bekeken, maar als onderdeel van de sociale systemen waarin hij of zij leeft. Familie, partnerrelaties, vriendschappen, school en werk zijn voorbeelden van zulke systemen.

Het centrale uitgangspunt is dat gedrag en problemen mede ontstaan en betekenis krijgen binnen relaties. Wanneer één persoon verandert, kan dat daardoor ook invloed hebben op andere mensen binnen het systeem.

Binnen systemisch werk bestaan verschillende stromingen. Systemische psychotherapie en gezinstherapie behoren tot de gevestigde therapeutische benaderingen. Daarnaast bestaan methoden zoals familie- en organisatieopstellingen, die sterk verbonden zijn geraakt met het werk van Bert Hellinger.

1. Wat betekent systemisch kijken?

Bij een individuele benadering kan de vraag zijn:

Waarom reageert deze persoon zo?

Systemisch kijken voegt daar vragen aan toe:

Binnen welke relaties ontstaat dit gedrag? Welke patronen houden mensen samen in stand? En wat gebeurt er wanneer één persoon anders gaat reageren?

Neem iemand die conflicten voortdurend vermijdt. Dat kan samenhangen met angst of beperkende overtuigingen, maar ook met de manier waarop binnen het gezin met conflicten werd omgegaan.

Misschien werd boosheid nooit uitgesproken en betekende harmonie vooral dat niemand moeilijke onderwerpen benoemde.

Het gedrag van één persoon wordt dan begrijpelijker wanneer ook de relationele context wordt bekeken.

2. Uit welke systemen bestaat een mensenleven?

Een mens maakt tegelijkertijd deel uit van verschillende systemen.

Denk aan:

  • het gezin waarin iemand opgroeit;
  • een huidige partner of gezin;
  • vrienden en sociale groepen;
  • school of opleiding;
  • organisaties en werk;
  • culturele en maatschappelijke verbanden.

Binnen ieder systeem ontstaan rollen, verwachtingen, regels en gewoonten.

Een persoon kan daardoor thuis heel anders functioneren dan op het werk. Ook vertrouwen, verantwoordelijkheid en de ruimte om emoties te uiten kunnen per systeem verschillen.

Systemisch werk richt zich daarom niet alleen op eigenschappen van het individu, maar ook op de wisselwerking tussen persoon en omgeving.

3. Wat zijn patronen en loyaliteiten?

Binnen families en andere groepen ontstaan patronen die langere tijd kunnen blijven bestaan.

Kinderen leren bijvoorbeeld hoe binnen hun gezin wordt omgegaan met conflicten, liefde, prestaties, geld, verlies, verantwoordelijkheid en grenzen.

Sommige patronen worden bewust doorgegeven. Andere worden vooral geleerd door observatie, conditionering, verwachtingen en herhaling.

Binnen systemisch werk wordt daarnaast gesproken over loyaliteit: de verbondenheid met mensen en groepen waartoe we behoren.

Die loyaliteit kan heel waardevol zijn, maar soms ook spanning veroorzaken.

Iemand kan bijvoorbeeld een andere levensrichting willen kiezen dan zijn ouders en tegelijkertijd bang zijn hen daarmee teleur te stellen.

Het conflict is dan niet simpelweg:

Wat wil ik?

maar:

Kan ik mijn eigen keuze maken en toch verbonden blijven?

4. Wat bedoelt systemisch werk met verstrikkingen?

Binnen het gedachtegoed rond Hellinger wordt vaak gesproken over verstrikkingen.

Daarmee worden patronen bedoeld waarbij iemand sterk verbonden lijkt te zijn met gebeurtenissen, rollen of problemen binnen het familiesysteem.

Een dochter kan bijvoorbeeld voortdurend verantwoordelijkheid voor haar moeder nemen. Als volwassene merkt ze dat ze ook in relaties snel de rol van verzorger krijgt.

Binnen systemisch werk kan worden onderzocht hoe deze positie is ontstaan en welke betekenis loyaliteit daarbij heeft.

Sommige stromingen gaan verder en veronderstellen dat onverwerkte gebeurtenissen of emoties rechtstreeks over meerdere generaties kunnen doorwerken.

Daarbij is nuance nodig. Dat ervaringen van eerdere generaties invloed kunnen hebben op volgende generaties is aannemelijk via bijvoorbeeld opvoeding, gezinsverhalen, sociaal leren, leefomstandigheden en relationele patronen. Dat iemand letterlijk gevoelens of een lot van een overleden familielid overneemt, is een specifieke systemische interpretatie en geen vastgesteld psychologisch mechanisme.

5. Welke rol speelde Bert Hellinger?

Bert Hellinger (1925–2019) werd vooral bekend door zijn ontwikkeling en popularisering van familieopstellingen.

Binnen zijn benadering beschreef hij enkele fundamentele principes of ‘ordeningen’ binnen familiesystemen. Belangrijke thema's zijn:

  • erbij horen;
  • ordening en positie;
  • balans tussen geven en ontvangen.

Volgens Hellinger kunnen problemen ontstaan wanneer zulke ordeningen verstoord raken, bijvoorbeeld wanneer een familielid wordt buitengesloten of iemand een positie inneemt die volgens deze visie niet bij hem of haar hoort.

Deze principes hebben grote invloed gehad op de praktijk van familieopstellingen.

Ze moeten echter worden begrepen als uitgangspunten binnen Hellingers systemische model en niet als wetenschappelijk aangetoonde universele natuurwetten van menselijke relaties.

6. Hoe werkt een systemische opstelling in de praktijk?

Een opstelling probeert relaties en posities binnen een systeem ruimtelijk zichtbaar te maken.

Een deelnemer brengt bijvoorbeeld een terugkerend probleem in:

Waarom voel ik me altijd verantwoordelijk voor mijn familie?

Bij een groepsopstelling kunnen andere deelnemers als representanten worden gekozen voor familieleden. De cliënt geeft hen vervolgens een plaats in de ruimte.

De begeleider kijkt onder andere naar afstand, richting, houding en reacties van de representanten. Representanten kunnen daarbij ook vertellen wat ze op hun positie ervaren.

Vervolgens kunnen posities worden veranderd of bepaalde zinnen worden uitgesproken. Zo kan bijvoorbeeld zichtbaar worden hoe het voelt wanneer iemand symbolisch verantwoordelijkheid teruggeeft of een andere positie inneemt.

Wat gebeurt er bij een individuele opstelling?

Een groep is niet noodzakelijk.

In individuele begeleiding kunnen bijvoorbeeld stoelen, vloerankers, voorwerpen of symbolen verschillende personen of elementen vertegenwoordigen.

De kracht van zo'n werkwijze kan liggen in het zichtbaar en ervaarbaar maken van relaties die normaal vooral in gedachten bestaan.

De ervaringen van representanten hoeven daarbij niet te worden opgevat als objectieve informatie over afwezige familieleden. Ze kunnen ook worden gebruikt als materiaal om mogelijkheden, gevoelens en relationele patronen te onderzoeken.

7. Hoe kan systemisch werk het wereldmodel beïnvloeden?

Mensen ontwikkelen door ervaringen ideeën over zichzelf, anderen en relaties.

Zo kan iemand geleerd hebben:

Ik moet voor iedereen zorgen.

Conflict betekent dat een relatie kapotgaat.

Ik mag mijn ouders niet teleurstellen.

Zulke beperkende overtuigingen kunnen onderdeel worden van het wereldmodel waarmee nieuwe situaties worden geïnterpreteerd.

Systemisch kijken kan een ander perspectief toevoegen.

In plaats van:

Er is iets mis met mij omdat ik geen grenzen kan stellen

kan iemand bijvoorbeeld gaan zien:

Ik heb binnen mijn gezin geleerd dat zorgen voor anderen belangrijker was dan aangeven wat ik zelf nodig had.

Dat nieuwe perspectief verandert het verleden niet. Het kan wel meer ruimte geven voor zelfreflectie, andere keuzes en persoonlijke groei.

8. Wat zegt wetenschappelijk onderzoek over systemisch werk?

Hier moeten verschillende vormen van systemisch werk uit elkaar worden gehouden.

Systemische psychotherapie en gezinstherapie zijn brede therapeutische benaderingen die wetenschappelijk zijn onderzocht. Daarbij wordt gekeken naar problemen binnen de context van relaties en sociale systemen.

Voor familieopstellingen is de wetenschappelijke basis aanzienlijk beperkter. Er zijn onderzoeken waarin deelnemers na een opstelling verbeteringen rapporteerden, maar de hoeveelheid onderzoek is klein en de methodologische kwaliteit is beperkt.

Daarom kunnen ervaringen van deelnemers serieus worden genomen zonder daaruit te concluderen dat alle theoretische verklaringen achter familieopstellingen bewezen zijn.

Ook uitspraken over energetische velden, universele ordeningswetten of het letterlijk overnemen van gevoelens van eerdere generaties vragen om terughoudendheid wanneer ze als feitelijke psychologische mechanismen worden gepresenteerd.

Dat neemt niet weg dat een opstelling voor iemand betekenisvol kan zijn als ervaringsgerichte manier om relaties, emoties, loyaliteiten en persoonlijke patronen vanuit een ander perspectief te bekijken.

9. Tenslotte

Systemisch werk verschuift de aandacht van alleen het individu naar de relaties en systemen waarvan iemand deel uitmaakt.

Die manier van kijken kan duidelijk maken dat gedrag niet in een vacuüm ontstaat. Rollen binnen het gezin, vertrouwen, loyaliteit, aangeleerde patronen, verwachtingen en ervaringen kunnen jarenlang invloed houden op de manier waarop iemand zichzelf en anderen benadert.

Binnen systemisch werk bestaan verschillende tradities. Systemische psychotherapie heeft een bredere wetenschappelijke basis, terwijl familieopstellingen van Bert Hellinger een specifieke ervaringsgerichte methode vormen waarvan verschillende theoretische uitgangspunten onderwerp van discussie zijn.

De gemeenschappelijke gedachte blijft waardevol: om een mens te begrijpen, is het soms onvoldoende om alleen naar die ene persoon te kijken. Ook de relaties, geschiedenis en omgeving waarin iemand gevormd is, kunnen een belangrijk deel van het verhaal vertellen.