
Wanneer Haruki Murakami aan een roman werkt, begint zijn dag vroeg. In een interview vertelt hij dat hij om vier uur opstaat en vervolgens vijf tot zes uur schrijft. Dag na dag keert hij terug naar dezelfde bezigheid. Ondertussen ontstaan verhalen waarin de werkelijkheid vreemde bochten neemt en personages terechtkomen op plaatsen die niemand vooraf had kunnen bedenken.
Daar zit iets verrassends in: een regelmatig leven kan ruimte bieden aan een onvoorspelbare verbeelding. Murakami organiseert zijn werkdagen, maar laat het verhaal zich ontwikkelen. Vanuit het stoïcisme bekeken raakt dat aan een wezenlijke vraag: waarvoor wil je dagelijks moeite doen, ook wanneer je niet kunt bepalen wat eruit voortkomt?
1. Hoe werd Murakami schrijver?
Murakami wordt in 1949 geboren in Kyoto en groeit op in Kobe. Hij ontwikkelt een grote belangstelling voor jazz en buitenlandse literatuur. Voordat hij van schrijven zijn beroep maakt, runt hij met zijn vrouw een jazzclub in Tokio.
Op een middag in april 1978 zit de 29-jarige Murakami op de tribune van het Jingū-stadion in Tokio. Zijn favoriete honkbalclub, de Yakult Swallows, is aan slag. Dave Hilton raakt de bal en haalt het tweede honk. Precies op dat moment komt er, zo vertelt Murakami later, een onverwachte gedachte bij hem op. Misschien kan hij zelf wel een roman schrijven. Waarom die gedachte juist dan opkomt, weet hij jaren later nog steeds niet.
Na de wedstrijd koopt hij een vulpen en papier. Zijn eerste roman krijgt vorm aan de keukentafel, in de nachtelijke uren nadat hij de jazzclub heeft gesloten.
Die overgang maakt zijn begin herkenbaar:
- Er is al een dagelijks leven met verplichtingen.
- Er ontstaat belangstelling voor iets nieuws.
- Er is nog geen zekerheid over talent of toekomst.
- Toch maakt hij tijd om te beginnen.
In 1979 verschijnt zijn debuut, Hear the Wind Sing. Later bereikt hij een groot publiek met onder meer Norwegian Wood.
Zijn ontwikkeling nodigt uit tot een eenvoudige vraag: welk verlangen blijft bij jou een toekomstplan, terwijl het misschien eerst een bescheiden plaats in je week nodig heeft?

2. Wat maakt zijn manier van werken bijzonder?
In een fragment uit Novelist as a Vocation beschrijft Murakami hoe hij zijn leven voorbereidt op een lang schrijfproject. Andere werkzaamheden worden waar mogelijk afgerond of tijdelijk opzijgezet.
Vervolgens werkt hij met een vaste dagelijkse hoeveelheid tekst. Ook wanneer het schrijven goed gaat, stopt hij bij zijn afgesproken grens. Op moeizame dagen probeert hij diezelfde hoeveelheid te bereiken.
Zijn werkwijze bevat daardoor twee vormen van begrenzing:
- Hij begint wanneer het werk aan de beurt is.
- Hij stopt voordat enthousiasme ieder ritme doorbreekt.
Dat tweede verdient aandacht. Discipline wordt vaak voorgesteld als steeds meer doen. Bij Murakami dient het ritme juist om een langdurig project vol te houden.
De vraag verschuift daarmee van ‘hoeveel kan ik vandaag uit mezelf halen?’ naar ‘welke werkwijze kan ik blijven dragen?’
3. Waarom kan herhaling vruchtbaar zijn?
Wie telkens opnieuw moet beslissen wanneer hij begint, heeft iedere dag een kleine onderhandeling met zichzelf.
Eerst nog een bericht beantwoorden. Even wachten tot het rustiger is. Morgen misschien, wanneer het hoofd helderder voelt.
Een vast moment kan een deel van die twijfel wegnemen. Je hebt eerder al besloten dat je dit nu gaat doen. Vandaag hoef je dat belang niet opnieuw te bewijzen.
Zo schept herhaling ruimte.
- Je hoeft minder over het begin te onderhandelen.
- Je blijft vertrouwd met het werk.
- Je ontmoet ook de moeilijke of saaie onderdelen.
- Je geeft ideeën gelegenheid zich verder te ontwikkelen.
Dat is geen garantie op creativiteit. Een uur aanwezigheid kan weinig opleveren. Maar zonder dat uur krijgt wat je wilt onderzoeken misschien helemaal geen kans. De vruchtbaarheid van discipline ligt dan in het vastzetten van de tijd waarin iets kan ontstaan en daar komen we op een interesssant raakvlak.

4. Waar raakt dit het stoïcisme?
Voor Epictetus vraagt filosofie om oefening. Een inzicht begrijpen betekent nog niet dat je er ook naar handelt wanneer je moe bent, wordt tegengesproken of iets aantrekkelijkers tegenkomt.
Murakami’s werkwijze biedt een herkenbare vergelijking. Toewijding krijgt vorm in terugkerend gedrag.
Denk aan het verschil tussen:
- Geduld bewonderen en werkelijk luisteren.
- Eerlijkheid belangrijk vinden en een ongemakkelijke waarheid uitspreken.
- Aandacht waarderen en ergens tijd voor vrijhouden.
- Een vak willen leren en ook de basisoefeningen uitvoeren.
De stoïcijnse vraag gaat daarbij verder dan productiviteit. Waarvoor oefen je? Een zorgvuldig uitgevoerde gewoonte is niet automatisch goed. Ook ijdelheid of hebzucht kunnen met grote discipline worden nagestreefd.
Binnen StoicMind verbinden we regelmaat daarom met een gekozen waarde. De gewoonte moet iets dienen dat je na onderzoek belangrijk vindt, zoals vakmanschap, betrouwbaarheid of zorg voor anderen. Zo’n waarde geeft richting aan de manier waarop je werkt, ook wanneer je vooraf niet kunt bepalen wat je inspanning zal opleveren.
5. Hoe geef je richting aan wat je doet als de uitkomst nog openligt?
Murakami weet tijdens het schrijven niet altijd welke kant zijn verhaal opgaat. Toch kan hij aan de slag. Zijn vaste schrijfritme brengt hem terug naar de bladzijde waar hij gisteren gebleven is. Terwijl hij verder schrijft, ontdekt hij hoe het verhaal verder kan.
Ook in je eigen leven kun je ergens aan beginnen terwijl de afloop nog openligt. Hoe dat eruitziet, verschilt per situatie.
- Een gesprek. Je bedenkt vooraf wat je wilt bespreken. Wat de ander vertelt, kan je op een vraag brengen die je van tevoren nooit had bedacht.
- Een onderzoek. Je begint met een vraag die je bezighoudt en geeft jezelf de ruimte om van mening te veranderen als je iets nieuws ontdekt.
- Een ontwerp. Je maakt een eerste schets. Pas als je die voor je ziet, valt je een mogelijkheid op die je al denkend over het hoofd zag.
- Een vaardigheid. Je kiest een lastig stuk op de piano en oefent een paar maten. Hoeveel tijd je nodig hebt voordat je ze soepel speelt, ontdek je gaandeweg.
Daarin herken je het onderscheid dat Epictetus maakt. Jij kunt kiezen hoe je iets aanpakt. Hoe het uitpakt, hangt maar ten dele van jou af. Stel dat je hoopt een meningsverschil met een vriend uit te praten. Je kunt vertellen wat je dwarszit en luisteren naar zijn kant van het verhaal. Of jullie het die avond eens worden, bepalen jullie samen.
Ook achteraf helpt dat onderscheid. Misschien gaan jullie met verschillende meningen naar huis, maar begrijp je voor het eerst waarom die vriend zo reageerde. Als je alleen kijkt naar de uitkomst waarop je had gehoopt, zie je gemakkelijk over het hoofd wat het gesprek je wél heeft gebracht.

6. Wanneer wordt discipline juist een belemmering?
Een vast ritme kan de juiste omstandigheden scheppen. Het kan ook zo belangrijk worden dat je niet meer onderzoekt of het nog passend is.
Stel dat je dagelijks wilt studeren. Op een avond heeft iemand dichtbij je dringend hulp nodig. Je kunt dan je schema verdedigen alsof het op zichzelf een morele verplichting is.
Daarom blijven vragen nodig:
- Dient deze gewoonte nog het doel waarvoor ik haar koos?
- Houd ik rekening met mijn werkelijke mogelijkheden?
- Welke andere verantwoordelijkheden vragen aandacht?
- Kan ik aanpassen zonder meteen alles op te geven?
Stoïcijnse wijsheid vraagt beoordeling van de concrete situatie. Zelfbeheersing betekent niet dat ieder plan koste wat kost moet worden uitgevoerd.
Murakami’s ritme is bovendien dat van een professionele schrijver. Het hoeft niet jouw ritme te worden. Een ouder met jonge kinderen of iemand met onregelmatige diensten heeft andere mogelijkheden. Een bruikbare gewoonte past binnen het leven dat je werkelijk leidt en wat jij wilt leiden.
Soms betekent dat dat je je studieboeken een avond dichtlaat omdat iemand je nodig heeft. Wat zegt op zo’n moment meer over je toewijding: die ene avond die je overslaat, of de keuze om de volgende dag je boek weer open te slaan?
7. Waarom hoort opnieuw beginnen bij toewijding?
Een gemiste dag kan opvallend veel betekenis krijgen. Je wilde iets volhouden, het lukte niet en al snel volgt een veroordelingl: blijkbaar ben je toch niet gedisciplineerd.
Daarmee wordt een afwijking lotsbepalend gemaakt. Vanuit stoïcijns zelfonderzoek kun je beter eerst nauwkeuriger kijken:
- Wat verhinderde het oefenen?
- Was de afspraak haalbaar?
- Welke keuze maakte je zelf?
- Wat vraagt het volgende beschikbare moment?
Als je terugkijkt op die gemiste avond, begrijp je misschien beter wat er speelde. Na een lange werkdag had je weinig energie, of je had jezelf net iets te veel leeswerk gegeven. Misschien bleef je op de bank zitten omdat je liever nog een aflevering keek. Ook dat kun je eerlijk toegeven en het daarbij laten.
De volgende keer dat je je boek openslaat, mag je gewoon verder lezen waar je gebleven was. Misschien heb je vandaag maar tien minuten. Dat is genoeg om de draad weer op te pakken.
Ook daarin zit toewijding. Wat je graag wilt leren, is je na die ene gemiste avond nog altijd de moeite waard.

8. StoicMind-oefening: maak een afspraak met het begin
Kies iets wat je belangrijk vindt, maar waarvoor je vaak op de juiste stemming wacht. Bijvoorbeeld schrijven, tekenen, een taal leren of een onderwerp grondig bestuderen.
Deze oefening duurt één week. Het doel is onderzoeken hoe je begint wanneer enthousiasme niet de doorslag geeft.
Maak vooraf de volgende afspraken:
- Kies één bezigheid. Leg in één zin vast waarom zij jouw aandacht verdient.
- Reserveer tien minuten. Kies een herkenbaar moment, bijvoorbeeld direct na het ontbijt.
- Maak de eerste handeling concreet. Open het document, leg het papier klaar of lees één alinea met aantekeningen.
- Werk tot de tijd voorbij is. Merk gedachten als ‘dit wordt niets’ op en keer terug naar je bezigheid.
- Stop bij de afgesproken grens. Beoordeel voor deze week vooral of de kleine afspraak uitvoerbaar is.
Noteer na iedere keer één zin over wat je deed. Geef jezelf geen cijfer voor het resultaat, je snelheid, creativiteit of inspiratie.
Kijk na de week terug. Welke omstandigheden hielpen? Wat bleek te groot of onhandig? Kies vervolgens bewust of je dit ritme wilt voortzetten of aanpassen.
Dit is een hedendaagse StoicMind-toepassing: oefenen in gekozen handelen, terwijl je de beoordeling van het resultaat voorlopig uitstelt.
9. Tenslotte
Murakami’s werkwijze laat een mogelijkheid zien die gemakkelijk wordt onderschat: je kunt regelmatig verschijnen voor iets waarvan je nog niet weet wat het oplevert.
Discipline wordt vruchtbaar wanneer ze aandacht beschikbaar maakt. Misschien ontstaat er een verhaal, misschien groeit een vaardigheid, misschien ontdek je dat je een andere richting wilt kiezen. Wat begint met een kleine afspraak, kan ruimte geven aan iets wat je vooraf nog niet kon overzien.
Bronnen
- John Wray, ‘Haruki Murakami, The Art of Fiction No. 182’, The Paris Review, zomer 2004.
- Haruki Murakami, ‘How I write my novels’, fragment uit Novelist as a Vocation, Penguin, 7 november 2022.
- Deborah Treisman, ‘The Underground Worlds of Haruki Murakami’, The New Yorker, 2019.
- Epictetus, Encheiridion, §§ 1, 29 en 51.











