
Je krijgt een app van iemand met wie je hebt samengewerkt. ‘Ik had meer van je verwacht.’ Je leest die ene zin opnieuw. In gedachten som je op wat je allemaal hebt gedaan. Je antwoord is al bijna klaar. Dan valt je iets op. Je weet precies waartegen je je wilt verdedigen, maar je weet nog nauwelijks wat de ander bedoelt.
StoicMind is de verzamelnaam voor hedendaagse technieken en methodes die gebaseerd zijn op het stoïcisme. Je oefent ermee om je gedachten te onderzoeken, met emoties om te gaan en bewust te kiezen hoe je handelt. Soms begint dat met een moedig besluit. Soms met een eenvoudige vraag als. ‘Wat had je precies van mij verwacht?’
1. Wat houdt StoicMind in?
Met StoicMind bereid je je voor op momenten waarop je bewust wilt kiezen hoe je reageert. Denk aan een gesprek waarin je een collega moet teleurstellen, een familiebezoek waarbij een gevoelig onderwerp ter sprake kan komen of een presentatie waarop je kritische vragen verwacht.
Je kunt op drie momenten oefenen:
- Vooraf bedenk je wat er voor jou op het spel staat en hoe je wilt handelen als het spannend wordt.
- Tijdens het gesprek merk je welke gedachte of emotie je reactie dreigt te bepalen.
- Achteraf kijk je naar wat je deed en ontdek je wat je kunt herstellen of een volgende keer wilt proberen.
Ook een gesprek dat al voorbij is, kan je helpen je voor te bereiden op een volgende keer. Misschien zei je uit beleefdheid ‘ja’ toen een collega je vroeg een dienst over te nemen. Pas later besef je dat je die dag al een andere afspraak hebt. Je kunt je collega dan terugbellen en zeggen: ‘Ik heb te snel ja gezegd. Ik kan die dag toch niet.’ Dat voelt misschien ongemakkelijk, maar je collega weet meteen waar die aan toe is.
De volgende keer kun je jezelf wat tijd geven met de woorden ‘Ik kijk even in mijn agenda.’ Of je collega teleurgesteld is, heb je maar deels in de hand. Wat je belooft, bepaal je zelf. Dat onderscheid is een van de uitgangspunten van het stoïcisme, de filosofie waarop StoicMind is gebaseerd.
2. Waar liggen de wortels van StoicMind?
Rond 300 v.Chr. geeft Zeno van Citium les in een beschilderde zuilengang in Athene. Naar die stoa, het Griekse woord voor zuilengang, krijgt zijn filosofische school haar naam. De stoïcijnen onderzoeken onder meer hoe we tot een betrouwbaar oordeel komen en wat een leven goed maakt.
Het verschil tussen stoïcisme en StoicMind zit in de verhouding tussen filosofie en toepassing:
- Stoïcisme is de filosofische traditie. Een centrale gedachte is dat de kwaliteit van je leven samenhangt met je karakter en met de manier waarop je handelt.
- StoicMind omvat de hedendaagse methodes waarmee je dat in je eigen leven onderzoekt en oefent. Je kunt bijvoorbeeld een lastig gesprek voorbereiden, je eerste reactie op een bericht bekijken of ’s avonds terugkomen op een besluit.
Denk terug aan het appje uit de opening. ‘Ik had meer van je verwacht.’ Terwijl je in gedachten opsomt wat je allemaal hebt gedaan, ga je er al van uit dat de ander je inzet bedoelt. Misschien had diegene verwacht dat je na afloop nog even zou bellen.
Met de vraag ‘Wat had je precies van mij verwacht?’ geef je de ander de kans dat uit te leggen. Daar herken je het stoïcisme in. Vóór je reageert, onderzoek je of je eerste indruk klopt.

3. Wat gebeurt er tussen een indruk en een antwoord?
De stoïcijnse filosoof Epictetus moedigt zijn leerlingen aan een eerste indruk te onderzoeken voordat ze ermee instemmen. Dat klinkt eenvoudig. Toch kunnen we bij het lezen van een paar woorden in een oogwenk een heel gesprek voor de ander invullen.
Bij het bericht ‘Ik had meer van je verwacht’ kun je drie dingen uit elkaar halen:
- Waarneming. De ander schrijft dat hij meer verwachtte.
- Invulling. Jij leest daarin dat hij je onbetrouwbaar vindt of denkt dat je te weinig hebt gedaan.
- Open vraag. Je weet nog niet welke verwachting hij had en of jullie die ooit hebben uitgesproken.
Misschien ben je inderdaad iets vergeten. Misschien verwachtte de ander een telefoontje, terwijl jij dacht dat hij alleen op het voorstel wachtte. Eén vraag kan duidelijk maken welk gesprek jullie eigenlijk moeten voeren. Ondertussen kun je nog steeds boos of teleurgesteld zijn. Wat doe je met dat gevoel?
4. Welke plaats krijgen je emoties?
Als kritiek je raakt, is er vaak een eerste moment waarop je alleen merkt dát je geraakt bent. Je hartslag gaat omhoog of je begint sneller te praten. Pas daarna krijg je scherper wat er gebeurt.
Drie vragen kunnen je daarbij helpen:
- Gevoel. Ben ik boos omdat mijn inzet over het hoofd wordt gezien, of schaam ik me omdat de ander een punt heeft?
- Belang. Wat raakt mij hier zo? Gaat het om de samenwerking, mijn goede naam of de aanwezigheid van anderen die meelezen?
- Impuls. Wil ik iets uitleggen, terugslaan, het gesprek ontlopen of zo snel mogelijk weer aardig gevonden worden?
Het antwoord maakt verschil. Als je merkt dat je vooral gezichtsverlies vreest, kun je een privégesprek voorstellen. Vermoed je dat je een fout hebt gemaakt, dan kun je eerst iets uitzoeken. Daarmee kies je hoe je met je gevoel omgaat. Hoe de ander daarop reageert, ligt buiten jouw beslissing.
5. Waar heb je invloed op en waar eindigt die?
Epictetus maakt onderscheid tussen wat van ons afhangt en wat niet volledig aan ons is. Vooral wanneer iemand je dierbaar is, kan die grens moeilijk zijn. Je wilt helpen en voor je het weet voel je je verantwoordelijk voor de hele afloop.
Stel dat een vriend voor een moeilijke keuze staat. Kijk dan naar drie verschillende zaken:
- Jouw aandeel. Je kunt tijd vrijmaken, aandachtig luisteren en eerlijk zeggen welke risico’s jij ziet.
- Jouw invloed. Een vraag of een goed gesprek kan hem helpen iets te ontdekken wat hij eerder over het hoofd zag.
- Zijn keuze. Hij bepaalt wat hij met jouw woorden doet. Hij kan je begrijpen, je advies waarderen en toch anders beslissen.
Een kleine vraag kan veel veranderen: ‘Wil je dat ik meedenk of wil je eerst even vertellen?’ Misschien blijkt dat je vriend vooral wil uitpraten. Luisteren kan dan de zorgvuldigste bijdrage zijn die je op dat moment kunt leveren. Hoe bepaal je in andere situaties wat zorgvuldig handelen inhoudt?

6. Wat geeft richting aan je handelen?
Stel dat een klant voor een gesloten deur staat omdat jij hem de verkeerde datum hebt doorgegeven. Je kunt hopen dat niemand naar de oorzaak vraagt. Je kunt ook bellen, uitleg geven en helpen een nieuwe afspraak te regelen.
De vier klassieke stoïcijnse deugden geven richting aan die keuze:
- Wijsheid. Zoek uit wat er precies is misgegaan, zodat je geen verklaring geeft die later onjuist blijkt.
- Rechtvaardigheid. Houd rekening met degene die door jouw fout tijd heeft verloren. Vraag wat een passende oplossing zou zijn.
- Moed. Vertel wat jouw aandeel was, ook wanneer je opziet tegen de reactie.
- Zelfbeheersing. Laat de klant zijn teleurstelling uitspreken zonder meteen al jouw goede bedoelingen op te sommen.
Zo worden vier filosofische begrippen herkenbaar in één telefoongesprek. De eerste stap is vaak de lastigste. Je moet erkennen dat de klant daar heeft gestaan en dat jouw uitleg hem die tijd niet teruggeeft.
7. Hoe helpt aanvaarding je om in actie te komen?
Een vriend zegt voor de derde keer op het laatste moment af. Je hebt al boodschappen gedaan en de avond voor hem vrijgehouden. ‘Hij weet toch hoe vervelend dit voor me is?’ denk je.
Maar de vorige twee keer schreef je terug: ‘Kan gebeuren.’ Wat je hem deze keer wilt vertellen, kun je ook echt zeggen. ‘Ik had me verheugd op vanavond. Als je zo laat afzegt, vind ik dat vervelend. Kun je het me de volgende keer eerder laten weten?’
Aanvaarding krijgt hier een concrete vorm:
- Erkennen. Hij heeft afgezegd. Jij had op hem gerekend en bent teleurgesteld.
- Uitspreken. Vertel welk gevolg het voor je heeft. ‘Ik had voor ons gekookt. Toen je zo laat afbelde, vond ik dat vervelend.’
- Afspreken. Bespreek wat voortaan haalbaar is. Misschien kan hij eerder bellen of spreken jullie voorlopig pas op de dag zelf iets af.
Je kunt dus aanvaarden dat deze avond anders loopt én iets doen aan de manier waarop jullie plannen maken. Welke afspraak recht doet aan jullie allebei, ontdek je zodra ook de ander aan het woord komt.
8. Wat merkt een ander ervan als jij met StoicMind oefent?
Aan je binnenkant gebeurt misschien van alles. Voor je vriend telt vooral wat hij in het gesprek met jou ervaart. Krijgt hij de gelegenheid zijn kant te vertellen? Kan hij begrijpen wat jij nodig hebt?
Dat kan merkbaar worden in kleine dingen:
- Luisteren. Je laat hem uitspreken en vat in één zin samen wat je denkt te hebben gehoord. ‘Begrijp ik goed dat je door de situatie thuis pas laat weet of je weg kunt?’
- Bijstellen. Als je aanname onjuist blijkt, durf je die te veranderen. ‘Ik dacht dat je onze afspraak vergeten was. Nu begrijp ik wat er tussenkwam.’
- Begrenzen. Je blijft duidelijk over je eigen behoefte. ‘Bel me de volgende keer zodra je twijfelt. Dan kan ik mijn avond ook nog anders indelen.’
Je kunt begrip hebben voor de reden van je vriend en toch vertellen dat je teleurgesteld bent. Soms bedenk je pas uren later wat je had willen zeggen. Die woorden kunnen je helpen om je voor te bereiden op een volgend gesprek. Ook op andere momenten in je dag kun je StoicMind toepassen.

9. Welke StoicMind-technieken kun je gebruiken?
Kies een techniek die past bij het moment waarop je gewoonlijk vastloopt. Wie onder druk dichtklapt, heeft iets anders nodig dan iemand die juist te snel antwoordt.
- Voorbereiding. Schrijf vóór een lastig gesprek één zin op die je in elk geval wilt uitspreken. Zo voorkom je dat het gesprek voorbij is voordat je het belangrijkste hebt gezegd.
- Oordeelsonderzoek. Zet bij een pijnlijke gebeurtenis je waarneming en je conclusie naast elkaar. Onderzoek waarop die conclusie berust.
- Vooruitblik. Bedenk één waarschijnlijke verstoring van een plan. Wat kun je doen als die zich voordoet?
- Avondreflectie. Kies één voorval uit je dag. Wat zei je precies? Wat merkte je bij de ander? Waar zou je nu andere woorden kiezen?
De Romeinse stoïcijn Seneca beschrijft in Over de woede hoe hij ’s avonds zijn eigen optreden analyseert. Bij zo’n terugblik maakt de formulering verschil. Uit ‘ik luister nooit’ leer je weinig. Met ‘ik onderbrak haar toen ze uitlegde wat er thuis speelde’ herken je een moment waarop je de volgende keer iets anders kunt doen.
10. Hoe herken je vooruitgang?
Misschien verwacht je dat een scherpe opmerking je na verloop van tijd minder raakt. En dan word je tijdens een gesprek toch weer boos. Als je alleen let op hoe je je voelde, kun je gemakkelijk missen wat er wél veranderde.
Let bijvoorbeeld eens op:
- Eerder herkennen. Vorige keer merkte je pas thuis dat je een verwijt maakte. Nu hoor je het terwijl je nog aan het praten bent.
- Preciezer spreken. Je vervangt ‘jij doet dit altijd’ door ‘ik wil het hebben over wat er gisteren gebeurde’.
- Iets herstellen. Je belt iemand terug omdat je beseft dat je zijn bedoeling hebt ingevuld zonder ernaar te vragen.
Dit zijn veranderingen die ook voor de ander verschil maken. Met de oefening hieronder kun je dat meteen onderzoeken. Je hebt alleen een kort bericht nodig en vijf minuten waarin je even niets hoeft te versturen.
11. StoicMind-oefening: schrijf twee antwoorden op hetzelfde bericht
Kies een bericht dat iets bij je oproept. Een oude mail is prima. Je kunt ook de zin uit de opening gebruiken: ‘Ik had meer van je verwacht.’ Pak een vel papier en werk de volgende vier stappen uit.
- Reageer. Schrijf op wat je spontaan zou willen antwoorden. Dit blijft op papier, dus ook de zin die je liever zou weglaten mag er staan.
- Onderstreep. Lees je eigen conceptantwoord en onderstreep één gedachte die je voor de ander hebt ingevuld. Misschien schreef je: ‘Jij vindt zeker dat ik te weinig heb gedaan.’ Lees het appje nog eens. Er staat: ‘Ik had meer van je verwacht.’ Waaruit maak je op dat dit over je inzet gaat?
- Kies. Wat wil je met je antwoord bereiken? Als je nog niet weet waarop de ander doelt, kun je vragen: ‘Wat had je precies van mij verwacht?’ Weet je al welke afspraak de ander bedoelt, dan kun je daar meteen op ingaan.
- Herschrijf. Formuleer je antwoord opnieuw. Bijvoorbeeld: ‘Ik wil begrijpen wat je hebt gemist. Bedoel je dat het voorstel onvolledig was, of had je verwacht dat ik je eerder zou bellen?’
Lees beide versies hardop. In welke versie zeg je duidelijker wat jij bedoelt? Welke zin geeft de ander ruimte om te vertellen wat er speelt? Soms blijkt je eerste antwoord al passend. Soms verandert één geschrapt woord de toon van het hele gesprek.

12. Tenslotte
Iemand schrijft dat hij meer van je had verwacht. Misschien heeft hij gelijk. Misschien verwachtte hij iets wat je nooit hebt beloofd. Op het moment dat je het bericht leest, zijn beide nog mogelijk.
Met StoicMind oefen je om precies dat moment te herkennen. Je leest de zin nog eens, merkt wat hij bij je losmaakt en kiest hoe je wilt antwoorden. Soms volgt er een excuus, soms een duidelijke grens. En soms begint een beter gesprek met de vraag die in je eerste antwoord ontbrak.
Bronnen
- Epictetus.Encheiridion, §§ 1, 4, 5 en 20.
- Seneca.Over de woede, boek III, hoofdstuk 36.
- Stanford Encyclopedia of Philosophy. ‘Stoicism’ (2023).










