Spiegelen

Spiegelen is het bewust of onbewust overnemen van aspecten van het gedrag van een ander. Mensen kunnen bijvoorbeeld elkaars lichaamshouding, gezichtsuitdrukking, gebaren, spreektempo of manier van bewegen gedeeltelijk overnemen. In de psychologie wordt hiervoor ook gesproken over mimicry of gedragsmatige imitatie.

Veel van dit spiegelen gebeurt zonder bewuste bedoeling. Tijdens een prettig gesprek kunnen twee mensen bijvoorbeeld steeds meer in hetzelfde ritme gaan praten of vergelijkbare houdingen aannemen.

Spiegelen speelt een rol bij sociale afstemming en kan bijdragen aan verbinding en vertrouwen. Toch is het geen simpele techniek waarmee automatisch een goede relatie ontstaat. Context, intentie en de bestaande verhouding tussen mensen blijven belangrijk.

1. Wat gebeurt er wanneer mensen elkaar spiegelen?

Mensen stemmen hun gedrag voortdurend af op hun sociale omgeving.

Wanneer iemand tegenover je glimlacht, is de kans groter dat je zelf glimlacht. Mensen kunnen tijdens gesprekken vergelijkbare houdingen aannemen, hun spreektempo aanpassen of bewegingen van elkaar overnemen.

Een bekend begrip uit onderzoek hiernaar is het chameleon effect: de neiging om bepaalde houdingen, gebaren en gedragingen van een gesprekspartner onbewust te imiteren.

Daarvoor hoeft iemand dus niet te denken:

Ik ga dezelfde houding aannemen.

Het gebeurt vaak spontaan als onderdeel van sociale interactie.

2. Waarom spiegelen mensen elkaar?

Spiegelen kan bijdragen aan sociale afstemming.

Wanneer twee mensen prettig met elkaar communiceren, ontstaan vaak subtiele overeenkomsten in hun gedrag. Andersom kan het spiegelen van gedrag onder bepaalde omstandigheden ook bijdragen aan een positievere interactie.

Spiegelen staat daardoor in verband met processen als:

  • verbondenheid;
  • sympathie;
  • samenwerking;
  • aandacht voor de ander;
  • vertrouwen.

Dat betekent niet dat spiegelen automatisch bewijst dat twee mensen elkaar aardig vinden of vertrouwen.

Iemand kan dezelfde houding aannemen omdat de situatie daartoe uitnodigt. En bewust nadoen kan juist onnatuurlijk of zelfs irritant overkomen.

Spiegelen moet daarom altijd binnen de bredere sociale context worden begrepen.

3. Wat hebben spiegelen en emoties met elkaar te maken?

Mensen stemmen niet alleen bewegingen op elkaar af. Ook emoties kunnen zich binnen groepen en relaties verspreiden.

Een ontspannen gesprekspartner kan bijdragen aan een rustiger gesprek, terwijl spanning van anderen juist invloed kan hebben op de sfeer. Dit wordt onder andere onderzocht als emotionele besmetting of emotionele afstemming.

Dat is verwant aan spiegelen, maar niet precies hetzelfde.

Bij gedragsmatig spiegelen gaat het bijvoorbeeld om het overnemen van een gezichtsuitdrukking of beweging. Bij emotionele besmetting staat de verandering van de eigen emotionele toestand centraal.

Wie regelmatig met stress of angst van anderen wordt geconfronteerd, hoeft hun emoties dus niet letterlijk ‘over te nemen’. De eigen stemming en lichamelijke spanning kunnen wel door sociale interactie worden beïnvloed.

4. Heeft spiegelen iets met empathie te maken?

Spiegelen wordt vaak verbonden met empathie.

Dat verband is begrijpelijk. Wie aandachtig met iemand meebeweegt, diens gezichtsuitdrukking waarneemt en subtiel reageert op stemgebruik en lichaamstaal, kan gemakkelijker sociaal op die persoon afgestemd raken.

Maar empathie is veel meer dan imitatie.

Iemand kan uitstekend begrijpen dat een ander verdrietig is zonder diens houding of gezichtsuitdrukking zichtbaar over te nemen. Onderzoek vindt bovendien geen eenvoudige één-op-éénrelatie tussen gezichtsimitatie en het correct herkennen van emoties.

Spiegelen kan dus onderdeel zijn van sociale afstemming, maar vormt niet op zichzelf de verklaring voor empathie.

5. Welke rol spelen spiegelneuronen?

Bij spiegelen worden regelmatig spiegelneuronen genoemd.

Dit zijn zenuwcellen die oorspronkelijk bij apen werden onderzocht en zowel actief bleken bij het uitvoeren van bepaalde handelingen als bij het waarnemen van vergelijkbare handelingen bij anderen. Bij mensen is eveneens onderzoek gedaan naar hersensystemen die betrokken zijn bij zowel waarnemen als uitvoeren van handelingen.

Daaruit ontstond het aantrekkelijke idee dat spiegelneuronen misschien verklaren waarom mensen anderen imiteren en begrijpen.

Die koppeling moet voorzichtig worden gemaakt.

Menselijk sociaal gedrag, empathie en imitatie zijn complexe processen waarbij verschillende hersengebieden, leerprocessen, waarneming, verwachtingen en sociale omstandigheden betrokken zijn.

Spiegelneuronen zijn daarom geen eenvoudige biologische verklaring voor alles wat we ‘spiegelen’ noemen.

6. Kun je iemand bewust spiegelen?

Spiegelen kan ook bewust worden toegepast.

Dat gebeurt bijvoorbeeld in coaching, therapie, communicatie en soms in verkoop. Iemand kan bewust aansluiten bij het spreektempo, taalgebruik of de lichaamshouding van een gesprekspartner.

Binnen NLP wordt bewust spiegelen bijvoorbeeld gebruikt als manier om rapport te ondersteunen.

In de praktijk is subtiliteit belangrijk.

Wanneer iemand voortdurend precies dezelfde bewegingen maakt, kan dat kunstmatig of manipulatief aanvoelen. Werkelijke afstemming bestaat uit meer dan gedrag kopiëren: luisteren, timing, belangstelling en respect voor grenzen zijn minstens zo belangrijk.

Een hulpverlener kan bijvoorbeeld rustig spreken wanneer een cliënt gejaagd vertelt. Dat is geen mechanisch kopiëren, maar afstemmen op wat binnen de interactie nodig is.

7. Is spiegelen hetzelfde als projectie?

Nee. Toch worden beide begrippen in het dagelijks taalgebruik soms door elkaar gehaald.

Bij spiegelen neem je aspecten van het gedrag van een ander over of stem je je gedrag erop af.

Bij projectie gaat het om iets anders: eigenschappen, gevoelens of motieven die iemand moeilijk bij zichzelf herkent, worden aan een ander toegeschreven.

Dit onderscheid is vooral belangrijk bij uitspraken als:

De ander is jouw spiegel.

Zo'n uitspraak kan binnen persoonlijke groei of bepaalde therapeutische tradities betekenen dat sterke reacties op anderen aanleiding geven tot zelfreflectie.

Iemand die buitengewoon geïrriteerd raakt door de onzekerheid van een collega kan zich bijvoorbeeld afvragen waarom juist dat gedrag hem zo sterk raakt.

Maar daaruit volgt niet automatisch dat hij zelf onzeker is.

De reactie kan informatie geven over zijn ervaringen, verwachtingen, beperkende overtuigingen, waarden of schaduwkant, maar er bestaan ook andere verklaringen.

8. Wat kan spiegelen ons over onszelf leren?

Mensen ontwikkelen hun gedrag altijd gedeeltelijk in relatie tot anderen.

We leren door observatie en imitatie, passen ons aan groepen aan en reageren op sociale verwachtingen. Zulke ervaringen kunnen mede invloed krijgen op ons zelfbeeld en op het wereldmodel waarmee we sociale situaties interpreteren.

Dat maakt bewustwording van spiegelen interessant voor persoonlijke groei.

Niet omdat iemand voortdurend moet controleren:

Spiegel ik dit nu?

Maar omdat sociale afstemming iets zichtbaar kan maken over hoe flexibel ons gedrag is.

Bij de ene persoon praten we misschien gemakkelijk en uitbundig, terwijl we bij een ander terughoudend worden. In een gespannen groep worden we alerter; bij iemand die we vertrouwen ontspannen we gemakkelijker.

Ons gedrag ontstaat dus niet volledig los van onze omgeving.

Tegelijkertijd betekent persoonlijke ontwikkeling dat we niet iedere sociale beweging automatisch hoeven te volgen. Zelfreflectie kan helpen onderscheid te maken tussen aanpassen omdat dit prettig en functioneel is, en aanpassen doordat we bang zijn voor afwijzing of onvoldoende op onze eigen grenzen vertrouwen.

9. Tenslotte

Spiegelen is een normaal onderdeel van menselijke sociale interactie. Mensen nemen regelmatig onbewust aspecten van elkaars houding, gezichtsuitdrukking, beweging en communicatie over.

Dat kan bijdragen aan sociale afstemming, sympathie en verbinding, maar spiegelen is geen magische techniek waarmee automatisch vertrouwen of empathie ontstaat.

Ook is het belangrijk verschillende verschijnselen uit elkaar te houden. Gedragsmatig spiegelen, emotionele besmetting, empathie en projectie kunnen met elkaar samenhangen, maar betekenen niet hetzelfde.

Bewust spiegelen kan worden gebruikt binnen communicatie, coaching en therapie, zolang het geen mechanische nabootsing wordt. Uiteindelijk ontstaat goede afstemming niet doordat twee mensen precies hetzelfde doen, maar doordat ze aandacht hebben voor elkaar en tegelijkertijd ruimte houden voor hun eigen gevoelens, gedrag en grenzen.